Nieuws Actueel

Een stapje op weg naar 'schone' kleren

Hanneke Keultjes 9 maart 2016

Kledingfabriek textielfabriek pakistan minister lilianne ploumen

De kledingsector bindt de strijd aan met kinderarbeid, slechte werkomstandigheden en laag loon in landen als Bangladesh. De overheid sloot vandaag met branche, vakbonden en organisaties een textielconvenant. Voortaan volgen winkels hun T-shirts van de katoenpluk tot het schap.

AfsprakenSinds de ramp met textielfabriek Rana Plaza in Bangladesh, waarbij in 2013 ruim 1100 werknemers om het leven kwamen, wordt minister Lilianne Ploumen tijdens het winkelen regelmatig aangesproken. U bent toch die minister van het textiel? En dat u hier nu bent, betekent dat wij er ook gewoon een jurk kunnen kopen? Ploumen beantwoordt die vragen dan met 'ja'. "Ik draag alleen maar kleding die verantwoord wordt gemaakt."

Straks kunnen consumenten makkelijk zien bij welke winkels de zaken op orde zijn. Vandaag sloten drie brancheorganisaties, twee vakbonden en vijf maatschappelijke organisaties een textielconvenant. Daarin zijn afspraken gemaakt om kinderarbeid en gedwongen arbeid tegen te gaan. Ook spreken de ondertekenaars zich uit voor een leefbaar loon, veilige werkomstandigheden en dierenwelzijn.

Gerust hartVolgens de PvdA-minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking wil iedereen wel 'het goede doen' als ze kleding kopen. "Maar ik snap heel goed dat het voor mensen heel ingewikkeld is om dat te weten te komen. Als een bedrijf als C&A - ik hoop van harte dat zij één van de eerste ondertekenaars zijn - zich straks bij het convenant aansluit, weet je dat je daar met een gerust hart kleding kan kopen."

Die winkels beloven dan de hele weg die een kledingstuk aflegt voor het bij hen aan de rekken hangt, in kaart te brengen. Wordt het T-shirt in elkaar genaaid door kinderhanden, zitten de kleermakers met gevaar voor eigen leven in krakkemikkige gebouwen of krijgen ze een grijpstuiver als salaris, dan regelt het convenant dat de bedrijven verplicht moeten ingrijpen om de omstandigheden te verbeteren. "Deze overeenkomst is uniek in de wereld", stelt Ploumen.

Te vrijblijvendEr zijn al langer zorgen over de manier waarop onze T-shirts worden gemaakt. In 2013 stortte kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh in en kwamen ruim duizend werknemers om. Ploumen wierp zich op als voorvechter van de rechten voor textielarbeiders. Er werden afspraken gemaakt, maar die werden te vrijblijvend gevonden. Onder druk van een motie van ChristenUnie, GroenLinks en PvdA moest er een convenant komen, waarover sinds september 2015 werd onderhandeld.

"Mijn activistische hart is blij met dit resultaat", zegt Ploumen. Niet alle deelnemers zijn zo enthousiast. Eén van de organisaties die zich inzet voor betere werkomstandigheden in de textielsector, de Schone Kleren Campagne, tekende het convenant niet. "Voor de arbeiders in de kledingfabrieken gaat dit niet ver genoeg", vindt woordvoerder Tara Scally. "Er staan geen concrete doelen in de overeenkomst. Bedrijven brengen zelf hun risico's in kaart en maken daar zelf een plan bij."

StartfinancieringHet convenant kan nog in het water vallen. Als er zich te weinig kledingbedrijven bij aansluiten (in 2020 moet 80 procent van de bedrijven getekend hebben), wordt de overeenkomst ontbonden. Datzelfde gebeurt als de financiering voor een secretariaat van het convenant uitblijft. Die is nog niet geregeld. "Geld moet niet het probleem zijn", vindt Ploumen. Zij wil de startfinanciering voor haar rekening nemen, maar alleen als duidelijk is wie daarna betaalt.