Nieuws Actueel

Niet elk café wil lang open

Idee voor proef met twee uur latere sluitingstijd voor Vlissingse horeca leidt tot uiteenlopende reacties, meldt PZC.

René Hoonhorst | Foto: Ruben Oreel 26 februari 2016

Cafe zeeland

Cafés in Vlissingen tot vijf uur 's morgens open? "O, dan ga ik wel een uurtje eerder dicht. 's Avonds om acht in plaats van om negen uur", zegt Ramon Alewijnse lachend.

Niet groot genoegDe uitbater van café 't Archief aan de Kleine Markt gunt collega's een langere openingstijd, maar kijkt er zelf niet naar uit. "Ik ben om half negen 's morgens open, tot een uur of acht, negen 's avonds. Wat langer als er kaarters zijn of er voetbal op televisie is. Maar ik heb er echt geen behoefte aan om na middernacht nog open te zijn", legt hij uit.

Alewijnse kan zich voorstellen dat collega's in het uitgaanscentrum van de stad - 'ik zit toch wat aan de rand' - wel graag langer open blijven. Maar Josine Meijer van café De Concurrent aan het Bellamypark denkt dat maar weinig caféhouders op andere sluitingstijden zitten te wachten. De Concurrent heeft een nachtvergunning. Maar die wordt niet meer gebruikt sinds een café met traditioneel jeugdig publiek ook een nachtvergunning veroverde.

"De markt in Vlissingen is gewoon niet groot genoeg voor meer dan één nachtvergunning. Ook al omdat je een portier bij de deur moet hebben", denkt Meijer. Ze misgunt anderen hun vergunning niet, maar waarschuwt voor andere gevolgen. "Als je geen nachtvergunning aanvraagt, moet je een uur eerder dicht. Nu mag je tot drie uur open blijven, dan slechts tot twee uur. Zeker op zaterdagen scheelt ons dat toch behoorlijk wat omzet." Collega's die hun zaak ook als restaurant-café gebruiken, hebben minder moeite met een proef van de gemeente. "Wij hebben geen nachtcafé en we zijn voor tweeën al lang dicht", zegt Jacqueline de Meijer van Stadscafé De Dighter.

Vijftien jaar hetzelfdeDennis Phoelich van de etablissementen Speyk bar & bistro en Tripel Blond is wel een groot voorstander van latere sluitingstijden. "Het gemeentelijk horecabeleid is al vijftien jaar hetzelfde, maar het uitgaansgedrag is sterk veranderd. Jongeren komen vaak pas om half één naar de stad. Als je dan om drie uur al weer dicht moet."

Voor Phoelich is een sluitingstijd van vijf uur een 'uitkomst'. Extra maatregelen hoeft hij niet te nemen, want zijn zaken hebben al een sluis (een tweede deur na een gangetje om geluid in het café te houden) en er staat al een portier voor de veiligheid bij de entree.

Ook Phoelich heeft overigens wel behoefte aan wat 'finetuning' van de horecanota. "In het hoogseizoen zitten mensen tot sluitingstijd op het terras. Het kan een probleem zijn als ze nu om één uur al naar binnen moeten."