Nieuws Actueel

Met zelfgemaakte grafkisten zorgt deze ondernemer voor 'sociale uitvaarten'

Zonder enige moeite trekt Radboud Spruit een zelfgemaakte grafkist tevoorschijn. De 58-jarige ondernemer organiseert sociale uitvaarten en maakt daarnaast zelf grafkisten. ,,Toen mijn moeder overleed vond ik die kist ongelofelijk lelijk. Ik wist meteen: ooit ga ik mijn eigen kist maken", zegt hij tegen AD.

Joost de Kleuver | Foto: Angeliek De Jonge 9 januari 2019

Uitvaart radboudspruit bartvanriet foto Angeliekde Jonge

Spruit heeft samen met compagnon Bart van Riet (51) een bedrijf in ‘sociale uitvaarten’. Het duo is anders dan normale begrafenisondernemers en richt zich op kwetsbare mensen: vooral daklozen. ,,Doordat we in het verleden allebei met daklozen hebben gewerkt, kunnen we goed omgaan met deze doelgroep. Veel daklozen zijn wel eenzaam, maar hebben ook veel vrienden en mensen met wie ze omgaan. Het is niet altijd gemakkelijk om iedereen bij elkaar te krijgen voor een uitvaart, zeker niet voor ‘normale’ uitvaartondernemers. Wij kennen de weg beter.’’

Uitvaartondernemer

Spruit en Van Riet omschrijven zichzelf als ‘gewone mensen’. Gekleed in trui en spijkerbroek voldoen ze niet aan het beeld van de doorsnee uitvaartondernemer in strak pak met stropdas. Spruit: ,,Ik heb geeneens pak, echt niet! Soms geloven mensen ook niet dat ik de uitvaartondernemer ben. Maar juist omdat we altijd onszelf zijn, krijgen we achteraf veel positieve reacties.’’

Mogelijkheden

De sociale uitvaart kenmerkt zich door de vele mogelijkheden die er zijn. ,,Bij ons kan er heel veel, maar je moet ook veel zelf doen. We hebben geen mensen die de kist dragen of die de overledene in de kist leggen, dat moet je zelf doen. Het kán wel, maar dat zijn keuzes: dat kost natuurlijk geld.”

De twee steken ook zelf hun handen uit de mouwen. Van Riet: ,,Laatst hadden we een uitvaart. Bij de voorbereidingen had een van de nabestaanden moeite met op tijd komen. Ik ben dus naar haar toe gegaan omdat we er zeker van wilden zijn dat zij zou komen. Radboud is naar de kerk gegaan om wat dingen klaar te zetten. Daardoor begonnen we een halfuur te laat, maar we vonden het heel belangrijk dat ze bij de uitvaart zou zijn.’’

Afscheidsdienst

En dus is geen begrafenis standaard. Wie wil, kan zelfs in een park of de kroeg een afscheidsdienst houden. ,,Als er een plek is die bijzonder is voor de overledene, en we hebben toestemming van de eigenaar, kunnen we ook daar een afscheidsdienst houden. Daarna kun je een ‘technische crematie’ doen, waarbij de overledene via de achteringang van het crematorium weggebracht wordt. Dat scheelt weer qua kosten.’’De eerste sociale uitvaarten zijn Spruit en Van Riet goed bevallen. ,,Vrienden van een overledene vertelden dat ze heel dankbaar en positief waren. Daar doe je het voor.‘’

Junkentunnel

De kennis van het daklozencircuit deden Spruit en Van Riet op in hun werk rond de Tussenvoorziening, de Utrechtse organisatie die dak- en thuislozen helpt. Met soep en koffie kwamen de twee ’s ochtends vroeg en ’s avonds laat bij de oude ‘junkentunnel’ onder Hoog Catharijne, waar veel daklozen verbleven. In de jaren daarna werkten de twee niet samen, maar spraken ze elkaar nog wel regelmatig. ,,Tijdens een van die gesprekken vertelde Radboud me over zijn plannen om uitvaarten te gaan organiseren. Dat wilde hij niet alleen doen, maar per se met mij’’, aldus Van Riet, die naast het werk als uitvaartondernemer als docent werkt op een mbo.

Ook Spruit heeft nog een baan naast hun gezamenlijk uitvaartonderneming: hij maakt grafkisten. ,,Op mijn 22ste overleed mijn moeder. Die kist was verschrikkelijk lelijk en toen ik hem moest vasthouden vond ik dat doodeng. Ik wist dat ik dat anders wilde: ik zou ooit mijn eigen kist maken.’’

Rondspoken

Dat idee bleef vervolgens tien jaar lang in zijn hoofd rondspoken. ,,Het was toen helemaal niet gebruikelijk om zelf kisten te maken. De eerste kist ging de houtkachel in, de tweede ook en pas bij de derde was ik tevreden. Toen ben ik wat rond gaan bellen en is het balletje gaan rollen.’’

Inmiddels maakt Spruit zo’n 150 kisten per jaar en kan hij daarvan leven. ,,Er zijn twee grote fabrieken in Nederland. Daarnaast heb je een stuk of tien kleinere bedrijven. Ik denk dat ik de enige ben die dit full-time doet, de rest zijn bijvoorbeeld meubelmakers die het erbij doen.’’