Nieuws Wet- en regelgeving

5G, Brexit en PFAS: dit zijn de 10 ondernemersthema's in 2020

Wetgeving, consumentengedrag, duurzaamheid. Een ondernemer moet op veel borden tegelijk schaken. Het hebben van een goede spelstrategie is in 2020 misschien wel belangrijker dan ooit. De sectorspecialisten van ABN AMRO geven alvast inzicht en achtergrond in tien thema’s die bedrijven volgend jaar gaan beïnvloeden.

De Ondernemer 1 januari 2020

Ondernemers thema 2020 abnamro

Eén ding is duidelijk: een ondernemer moet om kunnen gaan met snelle veranderingen in de omgeving. En dat is zeker niet kenmerkend voor deze tijd. Aan het einde van de negentiende eeuw liepen grote steden tegen de grenzen van hun capaciteit aan. Het vervoer per paard en wagen leidde in steden als New York en Londen door de extreme bevolkingsgroei tot grote chaos: het leverde veel verkeersdoden en stankoverlast op en het benodigde diervoer legde een zwaar beslag op de landbouwoogst.

Bovendien dreigde op termijn een totale verstoring van de leefbaarheid. Binnen vijftig jaar zou Londen bedolven liggen onder drie meter mest, zo voorzag een journalist van The Times in 1894. Daarmee had het wereldwijde capaciteitsprobleem een naam gekregen: de Grote Paardenmestcrisis. De doemscenario’s kwamen toen door de opkomst van de auto echter niet uit.

Nieuwe capaciteitsproblemen

De mestcrisis van toen heeft nu plaatsgemaakt voor tal van nieuwe capaciteitsproblemen. Het economische groeitempo wordt begrenst door ecologische beperkingen en andere vormen van schaarste. Teveel stikstof uitstoten schaadt de natuur, vergrijzing kan ons zorgsysteem onhoudbaar maken en het tekort aan personeel beperkt bedrijven om te investeren. En het vooruitzetten van de klok met vijftig jaar levert doemscenario’s zoals die van een onleefbare wereld als gevolg van de opwarming van de aarde.

Bedrijven hebben daarnaast te maken hun klanten van wie het gedrag snel verandert en moeilijker dan voorheen te peilen is. Een belangrijke veroorzaker hiervan is de razendsnelle technologische ontwikkeling die voor veel ondernemers maar moeilijk bij te houden is. De enige constante waar bedrijven zich in feite aan vast kunnen houden, is verandering. En verandering geeft risico’s, maar vooral ook kansen. Wie hier het best mee om kan gaan, is spekkoper.

Om inzicht te geven in al die borden waarop het spel moet worden gespeeld, presenteren wij hier in willekeurige volgorde de belangrijke thema’s voor 2020. Zonder de illusie te hebben compleet te zijn, wordt duidelijk dat schaarste aan de basis ligt voor de meeste uitdagingen, terwijl technologische ontwikkelingen net als in de negentiende eeuw voor de noodzakelijke oplossingen kunnen zorgen.

''De omzetschade voor de bouwsector kan zonder concrete oplossingen leiden tot een verlies van 70.000 banen in de komende jaren''

Madeline Buijs, sectoreconoom Bouw en Vastgoed

1. Stikstof

Bij veel bouwprojecten, zoals de aanleg van wegen of de bouw van woningen, komt stikstof vrij. Een overmaat aan stikstof kan nabijgelegen natuurgebieden beschadigen. Voorheen was het volgens de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) mogelijk om vergunningen te krijgen voor dergelijke bouwprojecten, zolang in de toekomst maar maatregelen worden genomen die de negatieve gevolgen voor de natuur te beperken.

In mei 2019 is de PAS-regeling echter buiten werking gesteld, omdat deze in strijd was met de Europese Habitatrichtlijn. Van alle projecten die extra stikstof uitstoten ten opzichte van de huidige situatie, moet nu eerst worden aangetoond dat zij geen direct significant effect hebben op 118 van de ruim 160 Natura 2000-gebieden die gevoelig zijn voor stikstof.

De overheid heeft inmiddels diverse maatregelen genomen om de uitstoot van stikstof te beperken. Zo gaat de maximumsnelheid op snelwegen overdag naar 100 kilometer per uur, krijgt vee een ander type voer en wordt overgegaan tot het vrijwillig uitkopen van varkenshouderijen. De maatregelen zijn bedoeld om de bouwsector in 2020 weer wat lucht te geven en zo 75.000 nieuwe woningen te kunnen bouwen en zeven grote infraprojecten weer op gang te helpen. Daarmee is niet gezegd dat dit ook lukt.

Het buiten werking stellen van de PAS-regeling zal hoe dan ook gevolgen hebben voor ondernemers, vooral die in de bouwsector. ,,De omzetschade voor de bouwsector kan zonder concrete oplossingen leiden tot een verlies van 70.000 banen in de komende jaren. Een aantal bedrijven kiest er vanwege deze stikstofkwestie daarbij voor om tijdelijke contracten niet te verlengen en zzp’ers en uitzendkrachten naar huis te sturen”, zegt Madeline Buijs, sectoreconoom Bouw en Vastgoed.

2. PFAS

PFAS is een verzamelnaam voor zo’n 6.000 stoffen met water-, vet- en vuilafstotende eigenschappen. Vanwege die handige eigenschappen worden ze op grote schaal gebruikt in onder meer regenjassen, pizzadozen, blusschuim, cosmetica en als anti-aanbaklaag op teflonpannen. Uit verschillende wetenschappelijke onderzoeken is de laatste jaren gebleken dat in elk geval sommige vormen van PFAS kunnen leiden tot verschillende soorten kanker, hart- en vaatziekten en verminderde vruchtbaarheid.

Vanwege de mogelijke schade aan de volksgezondheid gelden nu strengere normen voor bijvoorbeeld het verplaatsen van grond waarin PFAS wordt aangetroffen. Dit raakt bijvoorbeeld de zand- en grindwinning en baggerwerkzaamheden direct.

Dat de maatregelen rondom PFAS vaak in één adem worden genoemd met de maatregelen rondom stikstof heeft vooral te maken met het ongeveer gelijke moment waarop de maatregelen van kracht zijn geworden en het gegeven dat min of dezelfde bedrijven erdoor worden geraakt. Het betreft in beide gevallen vooral ondernemers uit de bouw, bouwmaterialenindustrie, bouwhandel en transportsector.

,,Ondernemers uit deze sectoren vrezen dat het beleid rondom stikstof en PFAS hen in 2020 8 procent omzet kost. Dat zou neerkomen op circa 16 miljard euro”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom Industrie en Transport & Logistiek.

3. 5G

Mobiele netwerken worden beschouwd als essentiële, strategische infrastructuur voor Nederland. In 2020 worden in Nederland voor het eerst frequenties geveild voor de nieuwe generatie mobiele netwerken, genaamd 5G. De uiteindelijke aanleg van 5G gaat een grote inspanning vergen. Zo is voor 5G een veel dichter netwerk van zendmasten vereist dan voor diens voorganger 4G. De aanlegkosten van het nieuwe 5G-netwerk zullen dan ook hoger zijn dan voor 4G destijds.

Als het gaat om het veilen van de frequenties van 5G zijn een aantal Aziatische landen en onder meer Duitsland, Finland en Italië ons al voorgegaan. De planning liep in Nederland aanvankelijk vertraging op doordat een van de benodigde frequenties werd gebruikt als afluisterstation van Defensie. Toen het kabinet eind 2018 bekendmaakte dat dit station naar het buitenland verhuist, kon de veiling gepland worden. De veiling van de eerste frequenties vindt in 2020 plaats.

,,Om de concurrentiepositie ondanks de relatief late veiling te behouden, is het belangrijk dat bedrijven te volle kunnen profiteren van 5G. Het nieuwe netwerk heeft immers vanwege de veel hogere downloadsnelheden een veel hogere potentie voor de zakelijke markt dan zijn voorgangers”, zegt Kasper Buiting, sectoreconoom TMT en Zakelijke Dienstverlening. Hij voorziet dat 5G een grote rol kan spelen bij onder meer het ontwikkelen van de zelfrijdende auto en het inzetten van Virtual Reality-diensten. ,,Dergelijke toepassingen kunnen van belang zijn voor het toekomstige verdienmodel van Nederland.”

''Om de concurrentiepositie ondanks de relatief late veiling te behouden, is het belangrijk dat bedrijven te volle kunnen profiteren van 5G''

Kasper Buiting, sectoreconoom TMT en Zakelijke Dienstverlening

4. Personeelstekort

In Nederland is de afgelopen jaren pijnlijk duidelijk dat sprake is van een mismatch op de arbeidsmarkt. Zo wordt ervaren onder meer ondernemers in de bouw en de IT-sector het tekort aan personeel als sterke belemmering ervaren. Ook in 2020 gaan bedrijven hier tegenaan lopen.

De uitdaging is voor bedrijven om nieuwe manieren te vinden om personeel aan zich te binden. Dit kan onder meer door het aanbieden van meer flexibele werktijden of het geven van extra salaris aan mensen die bereid zijn om meer uren te maken. Ook kunnen bedrijven extra stevig inzetten op automatisering waarmee arbeid kan worden vervangen en de groei op peil kan blijven. Nederlandse bedrijven blijken vooralsnog betrekkelijk terughoudend om deze route te kiezen.

,,De mismatches lopen uiteen per regio, ze verschillen per gebied. Zo heeft Noord-Brabant een tekort aan vrachtwagenchauffeurs voor binnenlands vervoer, terwijl in Friesland de meer zoekactiviteit bij dit beroep is dan dat vacatures beschikbaar zijn”, zegt Sandra Philippen, hoofdeconoom bij het Economisch Bureau.

5. De ‘commodity trap’

Sommige bedrijven raken gevangen in een zogenoemde ‘commodity trap’: de diensten of producten die zij aanbieden zijn dan nog nauwelijks te onderscheiden van die van de concurrent, waardoor eigenlijk alleen de prijs de doorslag geeft. Het aantal bedrijven dat het zich op langere termijn kan permitteren om structureel op de laagste prijs in te zetten, is echter beperkt.

Een oog springend voorbeeld hiervan zijn de uitdagingen waar een aantal uitbaters van winkels de afgelopen jaren mee te maken heeft gekregen. Zij hebben te maken gekregen met stevige concurrentie van online spelers die hun waar voor doorgaans lagere prijzen aan de man brengen, en vaak goedkoop of gratis naar de consument sturen. Onderscheidend vermogen is van belang om niet continue in een prijsgevecht te geraken.

Ook in 2020 is deze dreiging van de ‘commodity trap’ volop aanwezig in een aantal sectoren. De transportsector is er daar een van. Het blijkt moeilijk voor een aantal partijen om zich te onderscheiden. Opdrachtgevers spelen logistieke dienstverleners met een zwakke onderhandelingspositie tegen elkaar uit om een zo laag mogelijke prijs te betalen. Dit kan tot een prijsgevecht leiden onder die dienstverleners. De winstgevendheid van logistieke bedrijven staat daardoor onder druk, wat het moeilijk maakt te investeren in innovatieve dienstverlening.

,,Het is van belang voor logistieke bedrijven om onderscheidende diensten aan te bieden”, zegt Bart Banning, sector banker Transport & Logistiek. ,,En om dat te kunnen doen, is ‘leiderschap’ voor ondernemers een belangrijkere eigenschap dan ooit. Dit helpt om uit commodity trap te blijven en te kunnen investeren in innovatieve logistieke concepten en duurzaamheid. De transportsector moet immers de uitstoot van CO₂ en andere vormen van verspilling beperken.”

6. De veranderde werknemer en wetgeving

Werknemers zijn voor een bedrijf van essentieel belang. In eerdere publicaties concludeerden we voor zowel de retail- als de bouw-sector dat succes een afgeleide is van bedrijfscultuur. Dit geldt voor andere bedrijfstakken natuurlijk ook: zo is personeel bijvoorbeeld voor de horeca van cruciaal belang.

De wensen van werknemers zijn veranderd. Werknemers zoeken tegenwoordig meer dan vroeger een baan die past bij hun eigen waarden, normen en overtuigingen. Voor bedrijven is het belangrijker geworden een ‘purpose’, een hoger maatschappelijk doel, na te streven.

,,Bedrijven doen er goed aan bezig te zijn met ‘strategisch personeelsbeleid’. Dit kan bijvoorbeeld door bijscholing en omscholing, door nieuwe manieren van werving en selectie toe te passen en door arbeidsvoorwaarden aan te passen aan de wensen van de toekomst”, zegt Han Mesters, sector banker Zakelijke Dienstverlening.

Bedrijven worden tevens gedwongen om meer strategisch naar hun personeel te kijken vanwege nieuwe wetgeving die vanaf 2020 wordt ingevoerd. Zo is nieuwe zzp-wetgeving in de maak en treedt per 1 januari de Wet Arbeidsmarkt in Balans in werking.

Die Wet Arbeidsmarkt in Balans beoogt vaste contracten aantrekkelijker te maken. Werkgevers die veel flexibele werkvormen aanbieden, krijgen te maken met fors hogere WW-premies. Bovendien moet een oproepkracht in de toekomst minimaal vier dagen voor een betreffende werkdag ingeroosterd staan. Dit legt beperkingen op aan bedrijven die seizoensgebonden werk bieden, zoals de horeca.

7. Zorg vindt vaker ‘op afstand’ plaats

De Nederlandse ziekenhuiszorg staat voor een moeilijke opgave. De winstmarges in 2020 zullen flinterdun zijn, omdat de stijging van de loonkosten vanwege al gemaakte afspraken met zorgverzekeraars slechts deels worden vergoed.

Tegelijkertijd is het door vergrijzing en het toenemende aantal mensen met een chronische aandoening van belang om investeren te doen die de zorg toekomstbestendig maken. Met het stijgend aantal patiënten en een nijpend tekort aan zorgverleners is het leveren van ziekenhuiszorg in de huidige vorm niet mogelijk.

Om te voorkomen dat de kwaliteit van de zorg in het gedrang komt, moet de zorg dus anders ingericht worden. Een logische route hiervoor is dat de ziekenhuizen ervoor zorgen dat zorg meer ‘op afstand’ kan worden verleend. Dit kan onder meer via het bieden van uitlegvideo’s aan patiënten, het op afstand meten van gezondheid en het stellen van diagnoses op afstand en de inzet van zorgrobots. Digitalisering van het hele zorgproces is hierbij de sleutel.

Een ander deel van zorg op afstand is de ‘regionalisering’ van de zorg, waarbij een groter deel van de benodigde patiëntenzorg wordt opgevangen door huisartsen en thuiszorgorganisaties. Dit wordt in de praktijk gebracht door bijvoorbeeld het Isala-ziekenhuis in Zwolle, dat verwacht binnen drie jaar 10 procent van de zorg buiten het ziekenhuis te leveren dankzij de samenwerking met die zorgverleners in de regio.

,,Snel zal duidelijk worden dat het uiteindelijk beter is voor de patiënt als zorg meer op afstand plaatsvindt op basis van thuis verzamelde informatie. Een groot deel van tijdrovende en intensieve bezoeken aan het ziekenhuis kan er immers mee voorkomen worden”, zegt Anja van Balen, sector banker Healthcare. ,,Wellicht blijken de complexe omstandigheden in 2020 een ‘blessing in disguise’ te zijn en gaat de transitie naar zorg op afstand verder vorm krijgen.”

8. De energietransitie

Om opwarming van de aarde zoveel mogelijk te beperken, heeft Nederland zich gecommitteerd aan een reductie van CO₂-uitstoot van 49 procent in 2030 ten opzichte van 1990. Die doelstelling wordt alleen gehaald als de vereiste energietransitie meer vaart krijgt en voorziene projecten ook echt worden gerealiseerd.

In het klimaatakkoord hebben Nederlandse beleidsmakers en belanghebbenden daarom tal van afspraken gemaakt. Het aantal windparken op zee wordt flink opgeschroefd, een groot aantal gebouwen moet van het aardgas af en de intentie is om alle kolencentrales tegen 2030 te sluiten.

De uitvoering van deze plannen is echter nog niet zo eenvoudig. Veel puzzelstukjes moeten op de juiste plek vallen om alle ambities waar te maken. Zo zijn er technische, juridische, operationele en financiële knelpunten die bij elk project weer overwonnen moeten worden. Ook is veel samenwerking vereist tussen bedrijven en sectoren die voorheen weinig met elkaar te maken hadden.

2020 kan het jaar worden waarin diverse disciplines en sectoren elkaar beter weten te vinden, zodat de beloftes in het klimaatakkoord daadwerkelijk ingelost kunnen worden. ,,Aan het klimaatakkoord hebben veel mensen vanuit diverse disciplines en sectoren bijgedragen. Helaas is het niet veel meer dan een goede start. Het klimaatakkoord stippelt enkel een grove route uit richting het klimaatdoel van 2030. De echte uitdaging zit in het daadwerkelijk realiseren van alle individuele projecten”, zegt Arnold Mulder, sector banker Energy.

Een deel van de energietransitie wordt door de overheid worden afgedwongen. Zo moeten kantoren in 2023 minimaal Label C moet hebben en in 2030 label A. Wellicht zal dergelijke wetgeving straks ook voor hotelvastgoed gaan gelden. Regelgeving geeft zekerheid waardoor het voor bedrijven aantrekkelijker wordt om te investeren in bijvoorbeeld zonnepanelen of in warme-koude-opslag.

9. De toekomst van voeding

De wereldbevolking groeit in 2050 naar tien miljard mensen. Deze mensen moeten allemaal gevoed worden. Tegelijkertijd is obesitas wereldwijd een groter probleem geworden: tussen 1980 en 2015 is het aantal voorkomen van obesitas in meer dan zeventig landen verdubbeld, en ook in andere landen toegenomen, volgens dit onderzoek.

Hierom hebben 37 wetenschappers zich in het EAT Lancet-rapport intensief over de vraag gebogen hoe tien miljard mensen kunnen worden gevoed met gezond voedsel. Een belangrijk deel van het antwoord is dat het eetpatroon moet worden aangepast en de productie hierop moet worden afgestemd. Meer groente, fruit en noten, en minder rood vlees en suiker, om maar een voorbeeld te noemen.

De adviezen uit het rapport krijgen in 2020 meer voet aan de grond. De voedingsmiddelenindustrie zet dan ook in op gezonder en duurzamer. Dit lijkt makkelijker dan het is, want voor veel consumenten speelt prijs nog altijd een dominante rol bij het kopen van eten en drinken. We willen wel duurzamer en gezonder eten, maar het mag niet te veel kosten. Bovendien moet het wel lekker zijn.

En dat vraagt om creativiteit, zegt Nadia Menkveld, sectoreconoom Agrifood. ,,Voedingsmiddelenproducenten innoveren flink. Producten met minder of geen dierlijke eiwitten of suiker winnen marktaandeel.” Daarnaast wordt geëxperimenteerd met nieuwe ingrediënten, zoals insecten of algen.

Maar niet alleen de voedingsmiddelen vernieuwen, ook wordt gekeken naar het proces. Belangrijk bij duurzamer te produceren is het verminderen van voedselverspilling. Momenteel gaat wereldwijd een derde van al het voedsel verloren. Veel landen, waaronder Nederland, hebben als doel gesteld om de voedselverspilling in 2030 te halveren.

,,Producenten passen hier hun proces op aan, maar ontwikkelen ook nieuwe producten van voedsel dat anders vernietigd zou worden. Denk bijvoorbeeld aan brood van bierbostel, een reststroom uit het bierbrouwproces”, zegt Menkveld. Ondernemers kunnen diverse stappen zetten om voedselverspilling te verminderen. Zo kunnen restaurants kiezen voor minder keuze op de kaart, kleinere borden en minder voorraad. Heldere communicatie met gasten zorgt dat het niet alleen begrepen, maar ook gewaardeerd wordt.

''Een no-deal Brexit had de Nederlandse economie in een jaar tijd 0,75 procentpunt aan economische groei gekost''

Cijfers ABN AMRO

10. Brexit

Ondernemers hebben ook te maken met politieke onzekerheden. Een van de meest actuele hiervan, is Brexit. 2020 gaat, na 3,5 jaar van gesteggel, dan eindelijk het jaar van Brexit worden. Na de grote historische overwinning van de Britse Conservatieven, lijkt het vertrek van de Britten uit de Europese Unie (EU) onvermijdelijk. De Britse kiezer heeft met zijn stem een duidelijk signaal afgegeven dat de knoop na al die jaren moet worden doorgehakt en dat het akkoord dat de Britse premier Johnson in oktober met de Europese Unie heeft gesloten moet worden uitgevoerd.

Hoewel een ‘bremain’ nu niet langer tot de mogelijkheden behoort, is het geruststellend dat Brexit hoogstwaarschijnlijk wel op een ordelijke manier plaatsvindt. Een no-deal Brexit had de Nederlandse economie in een jaar tijd 0,75 procentpunt aan economische groei gekost. Formeel vertrekken de Britten op 1 februari uit de Europese Unie.

Toch blijft enige waakzaamheid geboden. Het Brexit-boek is natuurlijk nog niet gesloten. De transitieperiode waarin het Verenigd Koninkrijk qua handelsregels nog als EU-land blijft opereren, duurt tot en met 31 december 2020. Op basis van het akkoord (‘Withdrawal Agreement’) kan de transitieperiode met één of twee jaar worden verlengd, als de partijen niet lukt om op tijd tot een vrijhandelsverdrag te komen.

Johnson zegt echter vast te houden aan eind 2020 als deadline. Gezien de complexiteit van het uittredingsproces is dit echter ambitieus. Wanneer de onderhandelingen in de loop van volgend jaar vastlopen en Johnson stug aan die deadline blijft vasthouden kan het gevaar voor een no-deal-Brexit opnieuw de kop opsteken.