Blog Nico Dijkshoorn

Jawel: werken kan prima naast een emmer LEGO en slappe oploskoffie

'Als we over vier jaar terugkijken op dit jaar dan zal er worden gesproken over de Industriële Revolutie van '20/'21. Het jaar waarin ondernemers ontdekten dat een gebouw alleen maar geld kost en dat je er in het beste geval een hoop gezeik met personeel voor terugkrijgt'. Nico Dijkshoorn blogt.

Nico Dijkshoorn 8 februari 2021

Thuiswerken

'Het zal wat geestelijke wilskracht gaan kosten, om toe te durven geven dat belangrijk werk in een peperduur gebouw ook kan worden gedaan vanuit een gezinswoning in Giethoorn'.

Tijdens deze pandemie zijn duizenden ondernemers en hun werknemers er achter gekomen dat ze al die jaren helemaal voor niets naar een gebouw zijn gereden. Dat geven ze niet graag toe. Ja, natuurlijk was dat zinvol, iedere dag drie uur in de file staan, omdat het werk alleen maar kon worden gedaan in een peperdure kantoortuin met staande werkplekken.

En ja, natuurlijk was het dat allemaal waard, die vijfjaarlijkse restyling van het gebouw. Er hebben ondernemers achter een architect aangelopen en ze hebben geknikt toen hij naar een grote glazen wand wees. ‘Die gaat er helemaal uit. Transparantie is zo ontzettend Vrije Westen. Ik ga hier een Oostblok-sfeertje neerzetten. Daar, waar nu die gekleurde zitkussens op de grond liggen, daar komen ongemakkelijke houten banken. Als een knipoog naar Oezbekistan. En dat daar, die houten vloer, die dan zogenaamd heeft geleefd en warmte uitstraalt, die ga ik er uit laten slopen en dan komt er gegoten vloer. Kleur? Grauwe Dood.’

Ik heb die focus op een zo imponerend mogelijke werkplek nooit begrepen. Toen ik voor het eerst werd gevraagd om eens bij wat uitgeverijen te komen praten, viel het mij op dat ze allemaal opereerden vanuit peperdure gebouwen. Hele grachtenpanden vol mensen die zwijgend tegenover elkaar zaten en soms een telefoon pakten. Ondertussen kreeg ik de bekende imponeer-rondleiding.

Ik zag al die pracht en praal, de wanden vol met schilderijen, de ingelijste oorkondes, de marmeren trappen en de kamers van de directeuren en ik begreep meteen hoe het werkte in uitgeversland: ik kreeg 12 procent van de opbrengst en van de rest kochten ze vloerbedekking en onbetaalbare koffie.

Waargebeurd verhaal. Ik werd rondgeleid in het gebouw van een bekende uitgeverij. Ze lieten me het 17e eeuwse plafond zien. Daarna moest ik gaan zitten aan een immense tafel in een immense ruimte. De man die mij rondleidde keek me doordringend aan en zei: ‘Weet je dat je nu op de stoel zit waar Gerard Reve ooit zijn contract tekende?’

Ik heb de man een hand gegeven en ben vertrokken. Nog steeds begrijp ik niet waarom uitgevers in een grachtenpand moeten werken. En als het dan toch een gebouw moet zijn, waarom dan geen loods ergens midden in een weiland? Waarom moet van de opbrengst van mijn boek de parkeervergunning van de directie worden betaald?

Dat leren veel werkgevers en werknemers tijdens deze pandemie: je kunt alles thuis doen. Een uiterst pijnlijke ontdekking. Al die lease-auto’s, bedrijfskantines, ergonomische bureaustoelen en vergaderruimtes, in heel veel beroepen worden die helemaal niet gemist

Dat leren veel werkgevers en werknemers tijdens deze pandemie: je kunt alles thuis doen. Een uiterst pijnlijke ontdekking. Al die leaseauto’s, bedrijfskantines, ergonomische bureaustoelen en vergaderruimtes, in heel veel beroepen worden die helemaal niet gemist. Op en neer rijden naar je werk blijkt nu, midden in deze crisis, een ingesleten gewoonte.

Natuurlijk geldt dat niet voor alle beroepen, maar stilletjes geniet ik wel van dit verplicht omdenken. Dat er nu eens wordt nagedacht door ondernemers of al dat werk noodzakelijkerwijs op dezelfde locatie moet worden verricht.

Veel bedrijven moeten tijdens deze pandemie afscheid nemen van een raar romantisch idee: dat je pas bestaat als de naam van je bedrijf aan een gevel wordt getimmerd. Ze moeten afscheid nemen van de verkeerde ondernemers-insteek: willen shinen. Letterlijk. In grote neonletters.

Dat heeft natuurlijk ook iets aandoenlijks. Met je oude vader naar een kantoorpand rijden, hem zijn ogen laten bedekken, hem voor een gebouw zetten, en dan zeggen: nu mag je kijken, vader. En dat Peter Mandemaker dan het woord Mandemaker Jr. boven de deur ziet hangen.

Als we over vier jaar terugkijken op dit jaar dan zal er worden gesproken over de industriële revolutie van '20/'21. Het jaar waarin ondernemers ontdekten dat een gebouw alleen maar geld kost en dat je er in het beste geval een hoop gezeik met personeel voor terugkrijgt.

Daarom denk ik dat er na deze crisis een grote scheiding gaat plaatsvinden. Werk, dat nu al een jaar lang prima thuis kan worden gedaan, zal voortaan ook thuis worden gedaan. Niemand uit Schoorl hoeft nog dagelijks naar Amsterdam te rijden om daar de hele dag met andere forenzen boekhoudkundig werk te verrichten.

Als we over vier jaar terugkijken op dit jaar dan zal er worden gesproken over de Industriële Revolutie van '20/'21. Het jaar waarin ondernemers ontdekten dat een gebouw alleen maar geld kost en dat je er in het beste geval een hoop gezeik met personeel voor terugkrijgt. Nooit meer arbo! Geen speciale kussentjes en een voetenbankje moeten kopen voor een werknemer van 61 jaar oud.

Het zal wat geestelijke wilskracht gaan kosten, om toe te durven geven dat belangrijk werk in een peperduur gebouw ook kan worden gedaan vanuit een gezinswoning in Giethoorn, maar uiteindelijk zullen ondernemers gaan begrijpen dat al het werk dat ooit naast een luxe koffiemachine werd gedaan, net zo goed kan worden verricht naast een enorme emmer LEGO en een bakje slappe oploskoffie.

Dat is voor een grote groep ondernemers dé corona-les: ze hebben jarenlang een stukje nutteloze gezelligheid gefinancierd.

Alles over, voor én door ondernemers in je mailbox.

Ontvang twee keer per week onze nieuwsbrief met inspirerende ondernemersverhalen en informatieve artikelen.