InnovatieEnergietransitie

Terwijl duizenden bedrijven op stroom wachten, heeft dit bedrijventerrein dé oplossing: ‘E-hub begin je om te overleven’

De e-hub is te vinden op bedrijventerrein Lage Weide. Foto: eigen beeld De e-hub is te vinden op bedrijventerrein Lage Weide. Foto: eigen beeld
De e-hub is te vinden op bedrijventerrein Lage Weide. Foto: eigen beeld
Leestijd 6 minuten
Lees verder onder de advertentie

‘Waar is de e-hub?’

Het is vaak de eerste vraag die Roeland Tameling krijgt van burgemeesters, beleidsmakers en bestuurders van andere bedrijventerreinen. Allemaal willen ze het met eigen ogen zien. Het wonder van de energietransitie. Is het een state-of-the-artgebouw in brutalistische architectuur? Een slim kastje? Of een futuristisch transformatorhuisje met veel aluminium en blauwe ledlampjes?

Lees ook: Koen kreeg twee keer waarschuwing netbeheerder: het stroomverbruik van zijn onderneming moest omlaag

Onderling stroom verdelen

Het niks van dit alles, zegt Tameling, parkmanager van bedrijventerrein Lage Weide in Utrecht. De e-hub bestaat niet, tenminste niet als zichtbaar iets. „Het is een afspraak. Een slimme manier waarop bedrijven onderling stroom opwekken, opslaan en verdelen.’’

Hij neemt bezoekers van Lage Weide mee naar het vrieshuis van transportbedrijf C. van Heezik, specialist in vrieslogistiek. Binnen liggen honderdduizenden diepvriespizza’s, op het dak liggen zonnepanelen. De koelcel fungeert als de batterij van de e-hub. „Voor een pizza maakt het niet uit of die op min twintig of min drieëntwintig graden ligt’’, zegt Tameling. „Je kunt dus met de temperatuur spelen. Als we extra energie nodig hebben, halen we dat uit de koeling. Hebben we over, dan slaan we het weer in het vrieshuis op.’’

Overvol stroomnet in Utrecht

Eind vorig jaar werd de e-hub gepresenteerd, een idee van vijf bedrijven van het bedrijventerrein: C. van Heezik, Stiho, Platra, IJsselfoort en Picnic. Concurrenten aan de voorkant, samenwerkend aan de achterkant. Ze besloten hun energiehuishouding aan elkaar te knopen. Omdat ze wilden verduurzamen, zegt Tameling. Elektrisch rijden, zonnepanelen en energievoorzichtiger werken. Maar ja, dan moet er wel stroom zijn.

Lees verder onder de advertentie

Dan wil je als bedrijf verduurzamen, heb je een elektrisch wagenpark klaarstaan en dan moet je een dieselaggregaat neerzetten om die auto’s op te laden

Roeland Tameling Parkmanager bedrijventerrein Lage Weide

Daarom besloten ze vijf jaar geleden een groeps-transportovereenkomst (GTO) avant la lettre op te tuigen. Een contract waarmee bedrijven samenwerken om netcapaciteit te delen of te optimaliseren bij netcongestie. Want dat laatste is in de provincies Utrecht, Flevoland en Gelderland nogal een dingetje. Sterker nog, na de zomer is een ‘aansluitstop’ op het elektriciteitsnetwerk daar niet langer een verbodswoord, maar een realiteit in wording.

Dat betekent dat nieuwe woningen en bedrijfspanden niet langer welkom zijn op het stroomnet. Ondernemingen moeten roeien met de kilowatts die ze hebben. Willen ze extra capaciteit voor een nieuwe machine, een warmtepomp, laadpalen, zonnepanelen of andere vergroeningsinitiatieven? Dat kan, maar dan achteraan de rij aansluiten. Geen wachtlijst van een paar maanden, maar gerust enkele jaren, zegt Tameling. „Dan wil je als bedrijf verduurzamen, heb je een elektrisch wagenpark klaarstaan en moet je een dieselaggregaat neerzetten om die auto’s op te laden. Omdat ze geen netaansluitingen hebben.”

De opening van de E-hub. Foto: eigen beeld De opening van de E-hub. Foto: eigen beeld
De opening van de E-hub. Foto: eigen beeld
Lees verder onder de advertentie

‘Netbeheerders hadden congestie moeten zien aankomen’

Frank Hazeleger is voorzitter van de Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland en directeur van OMU, de Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht. Hij is bestuurlijk mild in toon, maar hard in zijn analyse. Die congestie hadden netbeheerders TenneT en Stedin moeten zien aankomen.

Vroeger was het simpel, zegt hij. Als je in ons land een bedrijf vestigde, kreeg je stroom. Dat is een wettelijke verplichting. Door de elektrificatie van wagenparken en doordat bedrijven steeds vaker kiezen voor stroom in plaats van gas en andere brandstoffen, is de vraag naar elektriciteit ontploft. We willen met elkaar ook dat ons land van het gas gaat. Maar het lijkt alsof netbeheerders daar hun ogen voor hebben gesloten.’’

Hoe dichterbij je je eigen stroomvoorziening kunt realiseren, hoe minder afhankelijk je bent van ontwikkelingen in de wereld

Frank Hazeleger Voorzitter van de Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland

Zolang een bedrijf met zijn gecontracteerde kilowatts nog gewoon kan doordraaien, is er niets aan de hand, zegt Hazeleger. ,,Maar als je meer wilt en je stroomcapaciteit wilt opvoeren, dan kun je niet vooruit. Of je nu een groot of klein bedrijf bent.” Dat betekent dat ondernemers veel creatiever moeten omgaan met de stroom die ze hebben. ,,En hun bedrijfsproces waar mogelijk moeten verduurzamen.’’

Lees verder onder de advertentie

Onder druk ontstaan creatieve ideeën

„Ondernemers zijn net mensen”, vervolgt Hazeleger. „Ze komen pas in actie als het fout loopt. Onder druk ontstaan goede en creatieve ideeën.” Dus ja, laat de stroom maar eens tijdelijk uitvallen. „Er moet eerst een incident gebeuren voordat er wat gaat veranderen.”

Misschien een beetje makkelijk achteraf, bedenkt hij. „Maar je ziet dat we te lang afhankelijk waren van landen waarvan we beter niet afhankelijk konden zijn.” Die oorlogen in Oekraïne, de spanningen in Iran brengen volgens hem het elektriciteitsversnellingsproces wel in een soort stroomversnelling.

„Hoe dichterbij je je eigen stroomvoorziening kunt realiseren, hoe minder afhankelijk je bent van ontwikkelingen in de wereld. Als jij op je eigen kavel met zonnepanelen, windmolens en accu’s je eigen energievoorziening kunt realiseren, ja, dat biedt per definitie de meeste garantie dat je elke dag voldoende stroom hebt.”

E-hub is hartstikke ingewikkeld

Om met een groepje bedrijven hyperlokaal je eigen stroomvoorziening voor elkaar te boksen, gaat allesbehalve makkelijk, bewijst de geboorte van de e-hub. De verwachting was dat daarna meer gelijksoortige initiatieven zouden volgen. Dat aantal bleef steken op vijf bedrijventerreinen. „Zo’n e-hub is ook hartstikke ingewikkeld”, zegt Tameling.

Pionieren was het, zegt hij, en vooral vaak je hoofd stoten tegen oldschool regels. „Elk bedrijf heeft een eigen energiecontract met vastgelegd vermogen. Als je dat inlevert voor een collectieve afspraak, moet je in de praktijk als groep tot wel 30 procent van je gecontracteerde stroomvermogen bij de netbeheerder inleveren.”

Lees verder onder de advertentie

Energieverbruik verminderen

Maar begin eerst bij het begin. Dat je zelf de boel energiezuinig op orde hebt. Hoe kun je je energieverbruik verminderen en je energieopwekking verduurzamen. Check: isolatie, zonnepanelen, batterijen. Tameling, ook bestuurslid van de Nederlandse Vereniging van Parkmanagers: „Daarbij helpt het als de samenstelling van de groep en daarmee je energieprofiel zo breed mogelijk is. Als je stroomgebruik te veel overlapt met dat van anderen, moet je je aansluiten bij een andere hub.”

Ook moet je goede afspraken maken over wie welke stroom wanneer gebruikt, wie wanneer energie opwekt, hoe je kosten en opbrengsten verdeelt en wie de schade betaalt als er iets misgaat. „Je moet elkaar echt vertrouwen”, zegt Tameling, „want je gaat toch een zware commitment aan.”

Een e-hub begin je niet om te besparen, maar om te overleven

Roeland Tameling Parkmanager bedrijventerrein Lage Weide

Dan heb je nog de verzekering. Een flinke showstopper. Stedin was onverbiddelijk en zei: „Als er iets verkeerd gaat en een elektriciteitskast door jullie toedoen in brand vliegt, moet je een verzekering hebben van acht miljoen.” Verzekeraars verschoten direct van kleur. Want „dat was geen polis uit hun standaardpakket.”

Stilzitten is geen optie

Toch lukte de e-hub. Gedreven door wilskracht en urgentie. Dankzij de invoering van de GTO is het beginnen van zo’n collectief niet langer een juridisch mijnenveld, maar een rustiek zandpaadje met af en toe wat administratieve hobbels en mentale kuilen. En als Tameling nog een misverstand mag wegnemen: „Een e-hub begin je niet om te besparen, maar om te overleven.” Je kiest ervoor omdat netcongestie je groei blokkeert. Als je met elkaar je kilowatts opwekt, ben je onafhankelijk van netbeheerders en wachtlijsten.”

Windenergie, zonne-energie en warmteopslag: bedrijven hebben dit op zo’n vijf bedrijventerreinen allemaal binnen energiegemeenschappen met elkaar geregeld, denkt Tameling. De komst van windmolens op bedrijventerreinen sluit hij niet uit. „Daarover zijn we op Lage Weide al de eerste gesprekken begonnen.” Hij weet ook: fouten zijn onvermijdelijk in dit energievraagstuk. Er zullen nog pittige discussies volgen. Met omwonenden, verzekeraars en netbeheerders. En tussen de leden van collectieven onderling. „Het is een wicked problem, maar stilzitten is geen optie. Zonder stroom staat niet alleen de energietransitie stil, maar ook onze economie.”

Lees verder onder de advertentie

Delen: