Nieuws Leiderschap

Waarom je managementhype eigenaarschap wel/niet moet omarmen

Nooit kun je eens rustig je werk doen. Om de haverklap krijg je van je baas te horen dat het weer anders moet. Schrijver Richard Engelfriet helpt je in het AD uit de brand en scheidt in deze rubriek de zin van de onzin. Vandaag: 'eigenaarschap'.

Richard Engelfriet | Foto: Pexels 31 juli 2018

Eigenaarschap 1

Bij Ron liep het allemaal niet zo goed op het werk. Collega’s kwamen afspraken niet na, mopperden bij de koffie-automaat en verzonnen aan de lopende band excuses voor gemaakte fouten. De baas van Ron kwam toen met een lumineuze oplossing: als iedereen voortaan ‘eigenaarschap’ zou omarmen, kwam alles goed.

Eigenaarschap

Ik dacht zelf altijd dat eigenaarschap gaat over iets dat je bezit. Een huis, een gitaar of het Donald Duck Vakantieboek. Maar dat blijkt dus niet zo te zijn. Volgens onderzoeksbureau Motivaction gaat het om ‘eigen verantwoordelijkheid, zelfvertrouwen, onderling vertrouwen, alignment, oplossingsgerichtheid, ontplooiingsmogelijkheden, proactiviteit en rolduidelijkheid’. Mocht je willen weten hoe jouw organisatie scoort op deze acht factoren, dan kun je een scan laten doen. Dat kost je 1.750 euro aan eigenaarschap van je eigen geld.

Alignment en rolduidelijkheid

Maar goed, als je voor 1.750 euro een mooi pdf'je krijgt waarin je kunt lezen hoe je scoort op zaken als alignment (mijn zoontje scoorde daar als krassende peuter slecht op) en rolduidelijkheid (bij mij thuis doen we het velletje over de bovenkant van de wc-rol, niet onderlangs), dan is dat natuurlijk een superinvestering. Zeker als blijkt dat organisaties die goed scoren op eigenaarschap beter presteren dan organisaties die daar slecht op scoren.

Nut van eigenaarschap

Maar wacht even... dat weten we helemaal niet. Die acht factoren is Motivaction op het spoor gekomen door door ‘deskresearch, kwalitatief onderzoek onder leidinggevenden en andere experts en kwantitatief onderzoek onder circa 1000 werknemers’. Dat zegt allemaal nog niets over het nut van eigenaarschap. Waaruit zou blijken dat een organisatie daar baat bij heeft?

Baten van eigenaarschap

Frans Wijngaarden ziet die baten wel. Hij stond aan de wieg van bovenstaand onderzoek en heeft het bijbehorende boek ‘Eigenaarschap: de sleutel tot jouw professionele succes’ geschreven. Ik vroeg hem naar bewijs dat eigenaarschap leidt tot betere prestaties. Hij zei: ,,Wetenschappelijk gezien zou ik daar niet gelijk ‘ja’ op zeggen." Ook Ester Koot van Motivaction bevestigt dat ze nog geen onderzoek hebben waarmee ze kunnen aantonen dat organisaties met een hoge mate van eigenaarschap productiever zijn. Frans en Ester zijn wel heel enthousiast.

Merkwaardige methodiek

Ik deel dat enthousiasme niet. Ik vind het een merkwaardige methodiek. Zo is een onderdeel van eigenaarschap dat mensen niet meer over elkaar praten, maar mét elkaar. Maar om dat te bereiken laat je mensen een enquête invullen waarin ze anoniem mogen roepen wat ze vinden van hun organisatie. Dat is net zoiets als de Bond tegen Vloeken die vloekend oproept om minder te vloeken.

Concurrentieslag

Maar wat nog veel erger is, is dat mensen in de praktijk last kunnen hebben van deze managementhype. Bij Ron betekende eigenaarschap dat het management na de cursus onzichtbaar was vanwege het vergroten van hun ontplooiingsmogelijkheden. ‘Pro-activiteit’ bleek te betekenen dat de targets omhoog gingen en ‘oplossingsgerichtheid’ was een prachtig excuus om de budgetten te verlagen. En niet klagen, want dan pak je je eigen verantwoordelijkheid niet.

Rotklusjes

Een andere lezer vertelde me hoe dat eigenaarschap in haar organisatie uitpakte: het werd vooral een concurrentieslag tussen collega’s die allemaal zoveel mogelijk moesten opvallen om ‘eigenaarschap’ te tonen voor de leukste klussen. Wie niet tot ’s avonds laat doorwerkte, kreeg de rotklusjes toebedeeld: ‘je moet natuurlijk wel zelf je ontplooiingsmogelijkheden pakken’.

Slechte voorbeelden

De fans van eigenaarschap zullen ongetwijfeld beweren dat dit slechte voorbeelden zijn. Dat misbruik door management niet de bedoeling is van eigenaarschap. Dat bazen die zich zo gedragen het niet hebben begrepen. Dat het zo niet in het boek staat. En dat het niet eerlijk is dat ik de bedenkers de schuld geef dat ánderen hun concept verkeerd toepassen.

Uiteraard mag dat. Alleen getuigt zo’n houding natuurlijk niet van eigenaarschap.