Nieuws Personeel

Nederlandse bedrijven nemen liever Duitsers aan

Duitsers hebben een dikke streep voor op Nederlanders bij het solliciteren op de Nederlandse arbeidsmarkt, schrijft het AD. Ook in andere landen staan 'eigen mensen' opvallend vaak niet bovenaan, zo toont nieuw onderzoek met 11.000 sollicitaties aan.

Sandra Phlippen Bart van Eldert | Foto: Shutterstock 15 september 2017

Duitser Duitsland Nederlandse bedrijven

Ching en Klaus krijgen in Nederland eerder werk dan Kees. Chinezen, Zuid-Koreanen, maar vooral Duitsers laten de Nederlanders achter zich in de race om een baan. In Noorwegen gaat dat al net zo, terwijl in Engeland Ieren en Indiërs juist meer kans maken dan Britten zelf.

Fictieve sollicitaties

Dat blijkt uit de eerste resultaten van een onderzoek naar discriminatie op de arbeidsmarkt in vijf Europese landen. De onderzoekers stuurden deze zomer 11.000 fictieve sollicitaties op echte vacatures in Nederland, Duitsland, Noorwegen, Spanje en Engeland. Behalve de naam en het land van herkomst verschilden de fictieve sollicitanten niet van elkaar.

Afkomst

De onderzoekers reageerden op banen voor IT-specialisten, koks, salesmedewerkers, boekhouders, verkoopmedewerkers en baliemedewerkers. De zogenaamde sollicitanten kwamen uit 52 landen, ook uit het eigen land. De onderzoekers wilden weten hoe afkomst de kans beïnvloed om te worden gebeld door het bedrijf.

Zeer kansrijk

Het goede nieuws is dat solliciteren in Nederland en in Duitsland, even los van herkomst, zeer kansrijk is. Op maar liefst de helft van de sollicitatiebrieven volgt een uitnodiging voor een gesprek of op zijn minst een vraag om meer informatie. Dat is wel anders in Spanje en Engeland, waar de kans op een afwijzing wel 84 procent is. Solliciteren in Noorwegen leidt met een kans van 1 op 5 op een belletje voor een gesprek.

Geen voordeel

Aziaten kunnen rekenen. Althans, dat is wat werkgevers denken als ze een Aziatische naam op een sollicitatiebrief zien staan. Dat vooroordeel is zelfs zo sterk dat het de eigen-volk-eerstreactie verdringt, want Nederlanders hebben in eigen land een kleinere kans. Hoe komt het nu dat zelfs de eigen nationaliteit geen voordeel oplevert bij werkgevers ten opzichte van Indiërs en Chinezen?

Positief werkend voordeel

,,Het is een positief werkend vooroordeel'', denkt Bram Lancee van de Universiteit van Amsterdam. Hij werkte samen met onderzoekers uit Madrid en Berlijn aan het Europese onderzoek. ,,Wellicht denken werkgevers: Indiërs, dat zijn toch altijd die hardwerkende en precieze computertypes? Of: Zuid-Koreanen, kunnen die niet geweldig goed rekenen? In Nederland zie je dat Amerikanen goed scoren. Die vinden we interessant en professioneel.''

Er is een duidelijke rangorde zichtbaar in de landen van herkomst, zo blijkt uit het onderzoek. Als de fictieve sollicitant uit een land komt dat als 'te anders' wordt ervaren, is de kans op een uitnodiging voor een gesprek kleiner.

Onderkant

Wie uit Oeganda, Egypte of Irak komt, zit voortdurend aan de onderkant van de lijst. ,,Werkgevers verwachten dat mensen uit de landen lager op de lijst anders denken dan wij. Ze verwachten grote culturele verschillen als het gaat over gelijke rechten, abortus en homoseksualiteit, omgang met vrouwen, en democratie. Mensen uit West- en Zuid-Europa, Canada en Amerika staan boven aan de lijst. Dan heb je nog Chinezen, Koreanen en Japanners. Moslimlanden vind je richting de onderkant. En Afrika staat echt onderaan. Een kok uit bijvoorbeeld Oeganda is bij voorbaat kansloos. Niet vanwege zijn persoonlijke kwaliteiten, maar vanwege het vooroordeel van werkgevers.''

Sollicitanten uit Zuid-Korea, India en uit Nederland lijken in die zin een uitzondering op de regel. Zij doen het beduidend goed in de meeste landen.

Sterotype beeld

Wie denkt dat we nog 'iets tegen Duitsers' hebben, heeft het helemaal mis. Werkgevers zien het liefst een Duitse naam onder aan een sollicitatiebrief. ,,Dat heeft waarschijnlijk te maken met een stereotype beeld dat we van de Duitser hebben'', aldus Lancee. ,,We zien de Duitser als een harde en gedisciplineerde werker die op tijd komt. Het zou ook kunnen komen doordat de Duitse taal veelgevraagd is in veel exportgedreven banen en het toerisme. We gaan dat nog onderzoeken".

Vooroordeel

Een ander vooroordeel dat een kern van waarheid in zich heeft, is dat de Polen onze banen 'pakken'. Poolse werknemers hebben een streepje voor op Nederlandse. Puur en alleen door hun naam op de brief worden Polen net iets vaker gebeld dan Nederlanders.

Vrouwen

Opvallend is de vondst dat vrouwen makkelijk in gesprek komen met een potentiële werkgever. ,,Je zou denken dat vrouwen een nadeel hebben en dat vrouwen uit minderheidsgroepen dubbel nadeel ervaren bij het solliciteren. Daar vinden we niets van terug. We zien dat vrouwen in alle onderzochte Europese landen vaker worden uitgenodigd dan mannen. En dan maakt het niet uit of ze kok of IT-specialist zijn. We zoeken nog naar de oorzaken. Misschien vallen ze op tussen de mannelijke sollicitanten of haken werkgevers in op het feit dat meisjes op school beter scoren dan jongens.''

Etnische ongelijkheid

De wetenschappers zijn de gevonden data nog aan het uitwerken. Dit rapport is onderdeel van diverse onderzoeken voor de Europese Commissie, die behoefte heeft aan meer kennis over etnische ongelijkheid op de arbeidsmarkt. Ook de Nederlandse overheid heeft interesse in de uitkomsten.