Nieuws Familiebedrijf

70 jaar friet bij de familie Ratelband: 'Klant is het belangrijkste, niet je vrouw'

Een Ratelband zit nooit om een stunt verlegen. Al zal Rolls het nooit zo bont maken als Emile. Vanwege de zeventigste verjaardag van het familiebedrijf deelt de zoon gratis frites uit van de Haphoek die zijn spraakmakende vader in 1977 opende. Tijd voor een gesprek, met elkaar en ook over elkaar.

John Bruinsma | AD 19 januari 2020

Ratelband frietzaak Arnhem

Rolls Ratelband in zijn Haphoek in de Arnhemse binnenstad. Foto: AD/Erik van 't Hullenaar.

De meest bekende friteszaak van Arnhem en omgeving ging vijf jaar geleden over van vader op zoon. Emile Ratelband verkocht zijn Haphoek in de Roggestraat in de binnenstad aan zijn oudste zoon Rolls. Uiterlijk is hij bijna het evenbeeld van zijn vader, innerlijk zijn er overeenkomsten, maar ook verschillen. Gemeen hebben ze hun ondernemingslust.

Die van Rolls heeft ertoe geleid dat hij van de gele goudmijn een nog beter renderende zaak maakte, met in de schil gebakken biologische frites in de varianten smurf, dwerg en reus. Toen burgemeester Ahmed Marcouch onlangs zijn felicitaties overbracht aan de zeventigjarige zaak hapte hij ook een dwerg weg.

Een AD-interview met vader en zoon, waarbij vader op afstand meepraat, via de telefoon.

"We staan met Arnhem in de top vijf van beste frietzaken in Nederland. Alles wat meer verkoopt, zit in Amsterdam. Daar wonen een miljoen mensen en komen een miljoen toeristen.”

Rolls Ratelband, eigenaar Haphoek Arnhem

Rolls, u moest de hoofdprijs aan uw vader betalen voor de overname. Hoeveel was het?
Rolls Ratelband: ,,Dat houd ik voor me.”

Emile Ratelband: ,,Je mag rustig zeggen dat je hem gratis hebt gekregen, haha. Er is één gouden regel: je mag nooit geld verdienen aan je vrienden en je familie. Ben je het daar mee eens, Rolls?”

Rolls: ,,Uhm, jaaah, gedeeltelijk. Ligt eraan in welke context. Als ik aan iemand een auto kan verkopen voor 5.000 euro, wil ik jou best matsen en hem voor 4.500 euro aan jou verkopen. Maar ik ga hem niet gratis weggeven.”

Top 5 beste frietzaken in Nederland

Hoeveel zakken frites moest u verkopen om de investering eruit te halen?
Rolls: ,,Het bleef niet bij de overname, Ik heb de zaak ook grondig gerenoveerd, met nieuwe elektra, nieuw tegelwerk, een toonbank op straat, een luifel en bankjes. Wat ik verdiende, investeerde ik in de andere zaken. Als het goed is, gaan we dit jaar wat verdienen.”

Klopt het dat de 55 vierkante meter van de Haphoek de meest rendabele zijn in het winkelhart van Arnhem?
Rolls: ,,We staan in de top vijf van beste frietzaken in Nederland. Alles wat meer verkoopt, zit in Amsterdam. Daar wonen een miljoen mensen en komen een miljoen toeristen.”

Emile: ,,Hoho, wel effe erbij zeggen dat de vierkantemeterprijs aan huur ook de hoogste is van Arnhem en omgeving. Die is vergelijkbaar met wat je in Amsterdam betaalt.”

Meest belangrijke persoon is de klant, niet je vrouw

Welke lessen hebben jullie geleerd van grondlegger Frans Ratelband?
Emile: ,,Dat je keihard moet werken. Zeven dagen in de week. Dag en nacht. Klaarstaan voor de meest belangrijke persoon in je leven. Dat is de klant, niet je vrouw.’’

Rolls: ,,Mijn opa overleed toen mijn vader twaalf was. Wat mijn vader van hem meekreeg, heeft hij doorgegeven aan mij. Het komt neer op een paar oude gezegdes: ‘het oog van de meester maakt het paard vet’ en ‘een glimlach kost niks’. Tegen mijn medewerkers zeg ik: het maakt niet uit of de mensen een frietje kopen van 2 euro of een horloge van 5000 euro, ze moeten dezelfde service krijgen.

Emile: ,,Míjn opa zei: als je niet weet wat je moet doen, wordt bakker, want de mensen zullen altijd brood eten. En als dat niet lukt, wordt fietsenmaker, want ze blijven ook fietsen.

Rolls: ,,Tegenwoordig gaat iedereen naar de supermarkt om brood te kopen. Je moet dus wel blijven innoveren. Pa heeft er altijd een mooie uitspraak voor, ik kan er even niet opkomen.”

'Onze friet is halal'

Emile: ,,Bestendigheid is de illusie van elk tijdperk. In tijden van crisis of hosanna zijn mensen altijd geneigd te denken dat het morgen ook zo is. Dat is natuurlijk niet zo. Mijn fout is vaak geweest dat ik mijn tijd ver vooruit was. Twintig jaar geleden maakte ik het hele assortiment halal. Toen zakte de omzet 60 procent. De autochtonen kwamen niet meer.”

Rolls: ,,Onze friet is halal, zeg ik altijd.”

Rolls, u stak al op jonge leeftijd de handen uit de mouwen voor uw vader.
Rolls: ,,Aanpakken zit in me. Mijn ervaringen met pa hebben dat versterkt. Ik heb frietzakjes van de straat geprikt met mijn tweelingzus, ik heb patat verkocht en ik ging met pa mee, naar de advocaat, naar de seminars.

Emile: ,,Hij maakte de kolen aan. Hij zag al die mensen somber binnen komen en een uur later fluitend en gillend over het vuur lopen. Daar heeft hij van geleerd dat je met enthousiasme meer bereikt dan met depressief bij de pakken neerzitten.

Anthony Robbins

Rolls: ,,Nadat pa in de VS dat boek had zien liggen van Anthony Robbins, door wie hij geïnspireerd raakte, was ik de eerste die over de brandende kolen liep, bij die man. Ik weet nog dat mijn moeder zei: het is net of ik Jezus over het water zie lopen.”

Emile: ,,Ja ja ja!”

Rolls: ,,Daarna volgde de rest van de familie en toen zei pa: dit ga ik in Nederland doen. Zo is het toch, pa?”

Emile: ,,Europa. Ik heb gelijk gezegd: Europa. Pa denkt altijd groot.”

Busreclame: Ratelband, nog steeds de grootste zak

Emile, u verkocht patat, pannenkoeken, poffertjes en positiviteit. Wat loopt het beste?
Emile: ,,Ik heb het nooit gedaan voor het geld. Ik deed het voor de uitdaging. Welke idioot krijgt het verzonnen om met zijn vrouw en drie kinderen op de bonnefooi naar Amerika te gaan om poffertjes te verkopen? Alles wat ik doe, stoelt op enthousiasme. Het gaat niet om wat je verkoopt, maar om de vraag of je er in gelooft.

,,Toen ik de frietzaak opende, had ik alle ondernemers tegen, want de hele Roggestraat en Ketelstraat lagen vol met gele zakken. Het was helemaal geel, fantástisch. Met burgemeester Scholten kreeg ik ruzie toen ik de busmaatschappij benaderde om reclame te maken. Er werden kamervragen gesteld omdat er zo’n obscene tekst op de bus stond. ‘Ratelband, nog steeds de grootste zak’.”

Rolls: ,,Die tekst is op de radio geweest pa, niet op de bus.”

Emile: ,,Op de bus, op de bus, ja hoor.”

"De naam Ratelband kan een voordeel en een nadeel zijn. Mensen vinden mijn vader een aardige vent of een ontzettende lul, op basis van wat ze in de media zien. Ik vind het jammer dat ik daar soms op word afgerekend. Er zijn dingen van mijn vader die ik vreselijk vind."

Rolls Ratelband, eigenaar Haphoek Arnhem.

Rolls, hoe is het om de zoon van Emile Ratelband te zijn?
Rolls: ,,Hij is allereerst mijn vader. Ik hou van hem en hij houdt van mij. En ik ben ontzettend blij dat ik papier moest prikken, dat ik moest werken. Daar heb ik nog steeds profijt van.

'De naam Ratelband kan een voordeel en een nadeel zijn'

,,De naam kan een voordeel en een nadeel zijn. Mensen vinden mijn vader een aardige vent of een ontzettende lul, op basis van wat ze in de media zien. Ik vind het jammer dat ik daar soms op word afgerekend. Er zijn dingen van mijn vader die ik vreselijk vind. Al die vrouwen, alle kinderen, al die publiciteit, dat hoeft voor mij niet. Maar we kunnen daar normaal over praten. Ik zeg wat ik er van vind en het staat onze relatie niet in de weg. Hij heeft zijn leven, ik het mijne. Ik heb de zaak, ik ben een harde werker en ik ben tegen iedereen aardig.’’

Emile: ,,Zijn moeder zei altijd: Ratelband, het komt vaak verkeerd je strot uit. Vergeet niet welke opvoeding ik heb gehad. Ik ben groot geworden in de Nieuwstad, een achterbuurt van Arnhem, tussen de prostituees. Toen Rolls twee, drie maanden oud was, zei ik: we gaan weg van hier.

,,Daarom is hij opgegroeid op de Hoogkamp, in Oosterbeek, in een ander milieu, met nette mensen. Voor dat soort mensen ben ik altijd een outcast geweest, vanwege mijn afkomst.’’

Emile, heeft u geleden onder een gebrek aan aandacht vroeger?
,,Wat is dit nou? Psychologie van de kouwe grond? Mijn vader was geniaal en creatief, maar had toentertijd niet de mogelijkheid om zich uit de armoe omhoog te werken. Wij zaten beneden in de behoeftepiramide van Maslow. Dan ben je blij dat je te vreten krijgt, dat je een dak boven je hoofd hebt en dat je naar school kunt gaan. Voor de rest heb je nergens behoefte aan. Is dat duidelijk? Als die behoefte er niet is, dan mis je hem ook niet.’’

Rolls: ,,Misschien op latere leeftijd, wil meneer Bruinsma zeggen.’’

Emile: ,,Nee, het is voorbij. Toen mijn vader werd begraven en ik de kist zag zakken, dacht ik: dit betekent dat je afstand moet nemen. En de afstand werd steeds groter. Natuurlijk mis ik mijn vader nog elke dag. Natuurlijk praat ik met hem als ik de hond uitlaat en dan vraag ik: pa, heb ik het gedaan zoals jij vond dat ik het had moeten doen? Ben je trots op me? In mijn hoofd praat-ie dan terug.’

Op wie lijkt Rolls het meest, op u of op z'n moeder?
Emile: ,,Hij heeft het goeie van zijn moeder en het slechte van zijn vader.”

Rolls: ,,Ik heb het beste van allebei. Ik heb de creativiteit en het doorzettingsvermogen van pa en de perfectie en het geduld van mijn moeder. Ik geef iemand die een fout maakt herhaaldelijk de kans op herstel. Pa zegt na de tweede keer: ik ben er klaar mee, opflikkeren. Dat is die andere opvoeding.”