fonQ begon aan het begin van deze eeuw en groeide onder leiding van medeoprichter Patrick Kerssemakers. In 2011 nam RFS Holland Holding (destijds ook de eigenaar van Wehkamp) een meerderheidsbelang, waarna de holding in 2013 volledig eigenaar werd.
In deze periode was onder andere oud-KPN-topman Ad Scheepbouwer als grootaandeelhouder van RFS betrokken. Eind 2016 kocht Scheepbouwer fonQ terug van RFS via zijn investeringsmaatschappij AJS Holdings, samen met het zittende management. Sindsdien opereert fonQ weer als zelfstandige entiteit.
Lees ook: Modezaak Monique en Dennis na 30 jaar failliet door webshops: ‘Klanten laten op hun telefoon zien dat jeans online goedkoper is’
Complexe integratie van Naduvi
De omzet van fonQ heeft de afgelopen jaren een stabiele tot licht stijgende lijn laten zien, waarbij de focus verschoof van een breed warenhuis naar een gespecialiseerde ‘home & living’-marketplace. Ondanks die omzet heeft het e-commercebedrijf een flinke kras opgelopen vanwege de complexe integratie van Naduvi.
In 2024 nam fonQ de outlet-marktplaats Naduvi over. De integratie van de twee platformen bleek technisch en operationeel veel complexer en kostbaarder dan vooraf was ingeschat. Daarnaast slaagde het online retailbedrijf er ondanks een reorganisatie in de zomer van 2025 - waarbij topman Itai Gross vertrok - niet in om structureel winstgevend te worden.
Online meubelzaak draaide laatste jaren beroerd
De afgelopen jaren draaide fonQ beroerd, zo blijkt uit het meest recente jaarverslag. Over het boekjaar 2023, dat liep tot eind maart 2024, daalde de omzet van de webwinkel met 26 procent tot 49,6 miljoen euro. Dat jaar leed het bedrijf een nettoverlies van 14,6 miljoen euro. Het jaar ervoor werd ook een verlies geleden; van 7,9 miljoen euro.
Ontwikkelingen online zoals de opkomst van AI-chatsystemen kunnen er wel voor zorgen dat je minder gevonden wordt als retailer
Ward van der Stee ABN AMRO
Verder was er extra kapitaal nodig voor investeringen in infrastructuur en systemen om de groei voort te zetten. Volgens ingewijden hebben investeerders de geldkraan dichtgedraaid omdat het pad naar winstgevendheid te lang duurde. Dankzij de Wet van Murphy weten we dat ‘als er iets mis kán gaan, het ook mis zal gaan’. Boven op de eerder genoemde uitdagingen kampt de woonbranche al langere tijd met dalend consumentenvertrouwen en hoge operationele kosten. Een bekend voorbeeld is Leen Bakker dat al lange tijd worstelt in de branche.
Lees ook: Duitse discounter wil naar 100 filialen in Nederland, maar sluit er eerst wel 8: ‘We zijn iets te hard gegroeid’
Was fonQ wel zichtbaar genoeg voor de consument?
Volgens sectoranalist Retail en Leisure Ward van der Stee (ABN AMRO) begon de meubelbranche het afgelopen jaar na een aantal slechte jaren, weer wat aan te trekken. De omzetten en de volumes zijn licht gestegen. Van der Stee: „De branche had het in de jaren ervoor lastig door sterk gestegen prijzen voor grondstoffen, een gedaalde koopkracht en laag consumentenvertrouwen, waardoor consumenten steeds vaker hun hand op de knip hielden.’’
Van der Stee: „Mijn vermoeden is dat het uitstel van betaling meer te maken heeft met de branche waarin zij zich begeven dan met het feit dat zij een online speler zijn.’’
Online zichtbaarheid via Search Engine Optimisation (SEO) vergt constante investeringen, zegt de sectoranalist. „Neemt dat af, dan verdwijnt je zichtbaarheid en daarmee ook je omzet. Online is de concurrentie sterk en is de klantloyaliteit maar heel beperkt.’’
Toch liever naar fysieke winkel?
Dirk Mulder, Sector Banker Trade & Retail bij ING: „Het businessmodel van fonQ is ongeschikt voor de verkoop van meubels en interieurs. Ze missen winkels. Voor zo’n grote aankoop wil je toch naar een winkel om te kijken.’’
En nu?
De rechtbank heeft inmiddels een bewindvoerder aangesteld. Samen met het huidige management wordt onderzocht of een doorstart of een verkoop van (onderdelen van) de groep mogelijk is.
Vooralsnog blijven de websites van fonQ en Naduvi online, maar de toekomst van nieuwe bestellingen is onzeker. Er is nog geen officiële bevestiging of alle uitstaande bestellingen worden uitgeleverd. De onzekerheid treft een groot aantal medewerkers in het hoofdkantoor en logistiek centrum in Utrecht.