Nieuws Logistiek en transport

Expert: 'Bedrijven moeten meer gaan samenwerken in logistiek'

Het milieu is zeker niet de enige aanjager van verandering en bewustwording in de mobiliteit van vandaag. Wanneer we kijken naar de stadslogistiek, dan staat de wereld ook hier voor grote veranderingen. Walther Ploos van Amstel van de Hogeschool van Amsterdam heeft AH en Jumbo, maar ook andere supermarktketens en bouwmarkten, opgeroepen om samen te werken in de logistiek. Autocar4Work sprak uitgebreid met de lector stadslogistiek.

Tim de Jong | Autocar4Work 7 juni 2019

Stadsdistributie Rotterdam

Dit artikel is te lezen in Autocar4Work. Het gehele magazine met tests, interviews en reportages over mobiliteit en bedrijfswagens is gratis te lezen via deze link.

Bevoorradingstrucks rijden tegenwoordig niet alleen de stad in voor winkels, ze komen ook steeds meer in woonwijken om zendingen bij particulieren af te leveren. "De rol van de binnenstad verandert daardoor", zegt Walther Ploos van Amstel, expert op het gebied van stadslogistiek. "Je gaat niet zozeer naar de binnenstad om te winkelen, maar voor de beleving. Dat betekent bijvoorbeeld dat je in winkels in de stad bekijkt of wat je wil hebben voldoet aan je verwachtingen, maar dat je het online koopt. Intertoys is daardoor failliet gegaan."

Van koopwinkel naar belevingswinkel

Hij maakt het zelf ook mee. "Dan kom ik in een grote elektronicazaak. Ik weet wat ik wil hebben. Maar het is er druk en het duurt eeuwen eer iemand me kan helpen. Dan ga je weer naar huis en met enkele muisklikken heb je het als het een beetje meezit de volgende dag in huis." Volgens Ploos van Amstel zal de 'koopwinkel' in de stad grotendeels plaats maken voor een 'belevingswinkel'. "Ikea opent kleine winkels in binnensteden om te laten wat er in de grote vestigingen aan de rand van de stad te vinden is. Webwinkel CoolBlue opent ook eigen, fysieke winkels in de binnensteden. Met een mooi woord noemen we dat showrooming."

Jumbo en AH

Meer onderlinge samenwerking is een andere sleutel om te komen tot een rustiger binnenstad. "Daarom heb ik Albert Heijn en Jumbo, maar ook andere supermarktketens en bouwmarkten, opgeroepen om samen te werken in de logistiek. De vervoerders in kwestie rijden al voor beide ketens (Jumbo en AH) dus waarom dan niet in dezelfde vrachtwagen?"

Ploos van Amstel zegt dat daarmee ook het chauffeurstekort bestreden kan worden. "Wanneer je de chauffeurs samenvoegt in één poule, dan is de kans dat er een eentje beschikbaar is, veel groter. Dat is belangrijk want de chauffeur is gemiddeld vaker ziek dan een andere beroepsgroep, wat waarschijnlijk komt door de onregelmatige werktijden. Ook dat kun je dan deels ondervangen."

Een tolheffing voor trucks zal leiden tot een betere beladingsgraad en dus minder voertuigen. "In Londen heb je de Congestion Charge en die is niet mis: 20 pond. Dus dan bedenk je je wel om even voor één zending de binnenstad in te rijden. Ik verwacht dat de beladingsgraad van trucks, 55% rijdt nu nog leeg, dus meer dan de helft, sterk zal verminderen. En één op de zes voertuigen in de binnenstad is een busje, dus dat kan ook minder. Vaak hebben ze nog geen 200 kg lading bij zich. Dat kan ook op een transportfiets."

Ploos van Amstel schat dat één op de tien verkopen door consumenten is gegenereerd door een aankoop via internet. "Eén op de tien. Voor mode is het 1 op de 5. En bij levensmiddelen is het totaal nu vier procent. Binnen vijf jaar zullen we op acht procent van onze dagelijkse boodschappen online kopen", verwacht hij.

Hij ziet een toename van het aantal horecazaken in de binnenstad. "Logistiek is dat nog wel een uitdaging. Negentig procent van de horecazaken is niet aangesloten bij een keten. Individualisme is hier vaak een sleutel tot succes. Maar de dagelijks bestelde hoeveelheid goederen is vaak heel klein. "Dan nog is één op de vier trucks in de binnenstad onderweg voor het beleveren van horecabedrijven. Een bedrijfstak die in de stad nog wel even doorgroeit, met één à twee procent per jaar."

Ruimte, lucht, veiligheid

Dus ondanks dat het aantal winkels afneemt en er minder goederen naar de binnenstad moeten, maken de vele horeca-adressen dat het aantal zendingen toch nauwelijks afneemt. "Er is sprake van een lichte daling, maar dat is het dan ook." Walther Ploos van Amstel onderscheidt drie urgente problemen in binnensteden.

Ten eerste de ruimte. Dat zie je goed in Amsterdam en Utrecht. Ook in Antwerpen en Gent. Ten tweede de luchtkwaliteit. Dat is een groot probleem in Rotterdam, waar de levensverwachting daardoor verkort wordt. En ten derde de veiligheid. Dit geldt voor alle steden. Bijkomend is het verval, zoals de grote kade reparaties bij de grachten van Amsterdam die we nu zien. Meer samenwerking tussen logistieke dienstverleners, bezorgen op verkeersluwe tijden en het heffen van tol zijn maatregelen om deze problemen op te lossen.

Woonwijken

"We hebben het onderzocht. Dagelijks komen er gemiddeld in een woonwijk twee busjes van pakketbezorgers als PostNL, DHL, DPD, of UPS. Minder dan de meesten denken. Maar er komen wel dertig tot veertig busjes per dag in de wijk van Albert Heijn of PicNic om boodschappen aan huis te bezorgen en eindeloos veel servicebusjes. Tussen zes en negen 's avonds komen er nog honderden fietsers en scooters in de wijk met kant en klare maaltijden. Het blijkt al dat ook de woonwijken een ruimteprobleem hebben."

Volgens Ploos van Amstel alle aanleiding dus om te definiëren waaraan een woonwijk moet voldoen. "Stedenbouwkundigen komen dan tot de wens om een woonwijk autoluw te houden. De mate waarin dat het geval is, bepaalt mede de waarde van de huizen, om een wijk veilig te houden en natuurlijk ook schoon. Zo is het idee ontstaan om tot 'droppoints' te komen, locaties in de wijk waar koeriers en dergelijke hun zending afgeven, die dan door de in de nabijheid wonende bewoner worden opgehaald, wanneer het hem of haar schikt. Dat is een grote verbetering. De klant hoeft niet persé thuis te zijn en je hebt minder voertuigbewegingen in je wijk."

Ploos van Amstel geeft voorbeelden uit de praktijk: "Aan de zuidkant van de Jaarbeurs in Utrecht heb je een nieuwe woonwijk die werkt met zo'n 'microhub'. Midden in de wijk, dus iedereen zit al vlakbij. De bezorger rijdt in en uit en hoeft niet te zoeken of wat. Dergelijke microhubs kunnen gewoon onbemand zijn." Hij legt uit dat in het geval van service aan je huis, het bedrijf dat de bestelling krijgt de onderdelen naar de hub verstuurt en dat de monteur per openbaar vervoer of op een transportfiets naar de klus komt. "Is even wennen, dat idee, maar het kan heel goed. Door de servicebusjes van monteurs slibben de wijken nu nog vaak dicht."

Hubs

Ook de steden werken in sommige gevallen met overslagcentra of hubs aan de buitenkant van de stad. De dieseltruck levert de goederen aan en vervolgens worden ze overgeladen in kleinere elektrische trucks voor bezorging in stedelijk gebied. Maar Ploos van Amstel verwacht niet dat er ineens heel veel van zulke centra gaan verschijnen langs stadsranden.

"In de eerste plaats omdat al veel winkelketens zelf een vestiging daar hebben. Dus om er dan een overslagfase tussen te zetten is niet voor de hand liggend. Maar neem nu de Hogeschool en Universiteit van Amsterdam. Die heeft verspreid over de stad 63 vestigingen. Voor zo'n instantie is het juist heel belangrijk om alle goederen aan de buitenkant van de stad te verzamelen en twee keer per week per elektrische truck langs de vestigingen te rijden. Dit is een voorbeeld van hoe het efficiënt en schoon kan. Dit kan voor veel meer instanties."

Stadsbox

Het overslaan van goederen en het bezorgen, gebeurt het meest efficiënt wanneer iedereen met dezelfde maat container of 'stadsbox' gaat rijden. "Daar wordt nu aan gewerkt door talrijke partijen", zegt Ploos van Amstel. "Het succes van de zeecontainer uit het verleden is hier leidend. Die bracht een enorme productiviteitsslag met zich mee. De nieuwe eenheid past in een truck, in een grote bestelauto, een kleine bezorgauto en op een transportfiets. Overslagtijden worden zo verkort. Vanzelfsprekend moet er dan een barcode op, waar alle info uit te halen valt. Wist je dat dat een Nederlandse uitvinding is? Iedereen op de wereld gebruikt 'm, en werkt met een EAN-nummer. Dat betekent gewoon Europees Artikel Nummer. De hele wereld gebruikt het!"

Dit artikel is te lezen in Autocar4Work. Het gehele magazine met tests, interviews en reportages over mobiliteit en bedrijfswagens is gratis te lezen via deze link.

Walther Ploos van Amstel is lector stadslogistiek van de Hogeschool van Amsterdam. Hij was meer dan 25 jaar werkzaam als organisatie-adviseur op het gebied van logistiek, supply chain management en internationale distributie. Ploos van Amstel houdt zich bezig logistieke procesinnovaties, samenwerking in logistieke ketens en netwerken, servicelogistiek, duurzame logistiek, ketenregie en zero emissie stadslogistiek.

Ik heb Albert Heijn en Jumbo, maar ook andere supermarktketens en bouwmarkten, opgeroepen om samen te werken in de logistiek. De vervoerders in kwestie rijden al voor beide ketens dus waarom dan niet in dezelfde vrachtwagen?