Nieuws Actueel

Banen van negen tot vijf zijn uit, hosselen is in

Met hardlooptraining geven, de auto verhuren, fotograferen of zelfgebakken taarten verkopen, is goed geld bij elkaar te scharrelen voor een leuk leven, zo schrijft Het Parool.

Nienke Blokhuis 30 juni 2016

Eerst maar even dit: de definitie van 'hosselen' in het boek Ga hosselen van Jeanine Schreurs heeft niets met het regelen van vrouwen of drugs te maken. Schreurs gebruikt de term om een nieuwe manier van werken, of beter nog, leven te duiden door je geld te verdienen met verschillende klussen. Denk aan het verhuren van je berging, taarten bakken en verkopen, je auto uitlenen met Snappcar, vertaalklussen doen, kortom: alles wat iets oplevert en wat bij elkaar genoeg is om in elk geval de vaste lasten mee te betalen.

Schreurs mag zichzelf een aardige hosselaar noemen: naast schrijver is ze directeur van een stichting, geeft ze trainingen en workshops, verkoopt ze publicaties, verhuurt ze een studio en doet ze onderzoekswerk. Haar gehossel begon in 2000, toen ze ziek werd en haar baan verloor. "Geen bewuste keuze dus," zegt ze, "maar dat is bij de meeste hosselaars het geval: ze worden door omstandigheden gedwongen om de dingen anders te gaan doen en hun situatie opnieuw te bekijken."

Flexwerken"Ik denk dat deze manier van werken en leven echt iets van deze tijd is. Het aantal vaste banen neemt af en flexwerken neemt toe; uitkeringen gaan omlaag en het aantal parttimebanen omhoog. Daarbij kijken mensen anders naar werk: het moet leuk zijn, ze willen zichzelf ermee ontwikkelen en iets bijdragen aan de wereld."

Maar om meteen maar even ongezellig realistisch te zijn: die rekeningen betalen zichzelf niet en er moet brood op de plank. Lukt dat met al dat gehossel wel? Volgens Scheurs is het juist verstandig om 'een paar potjes op het vuur te hebben'. "Op die manier spreid je je risico's: valt er een inkomstenbron af, dan kan je terugvallen op de andere. Natuurlijk blijft het altijd onzeker, maar zelfs een vast dienstverband is zo zeker niet meer."

GelukPatrick Stastra (34) heeft in elk geval meer dan genoeg op het vuur staan. Hij is docent op de UvA en geeft workshops over het Nieuwe Werken, is in te huren als dj, foto- en videograaf en geeft hardlooptrainingen. En dat terwijl hij ooit na een studie economie een goedbetaalde baan als consultant had.

Stastra wilde echter liever iets voor zichzelf doen. Na eerst iets in de kunstwereld te hebben geprobeerd, besloot hij zich in timemanagement te verdiepen. "Omdat ik mezelf nogal lui vind. Ik dacht: misschien kan ik mezelf zo wat effectiever maken. Het was zo leuk dat ik besloot workshops te geven. In diezelfde tijd vroeg iemand mij toevallig of ik soms les wilde geven aan de UvA, omdat ik vroeger student-assistent was. En zodoende heb ik al een paar jaar op die manier best een steady inkomen."

Het dj'en, fotograferen en hardlopen zijn allemaal hobby's waarmee hij geld verdient. Geluk? "Een beetje wel. Dat ik ergens vol induik, speelt ook een rol. Als ik iets leuk vind, wil ik er alles over weten."

Tweede natuurHet is wat Stastra en de hosselaars uit het boek van Schreurs bindt: veel 'toevallige' kansen die op hun pad komen en al snel fijne inkomstenbronnen blijken te zijn. Een goede hosselaar heeft een scherp oog voor dit soort gelukjes en de durf om daar vervolgens iets mee te doen.

Hanneke Koomans (50) zit precies zo in elkaar. Haar inkomen komt voornamelijk van haar werk als arbo-adviseur, maar ze verdient ook geld met een boek, het geven van workshops en ze deed onlangs klussen als werkcoach. Hosselen is haar tweede natuur. "Het is een kwestie van mogelijkheden zien en uitproberen. Ik doe het niet alleen voor mijn inkomen, maar ook andere dingen probeer ik op een creatieve manier te regelen. Ik haal mijn groenten uit de moestuin en ik raap van alles van straat waarvan ik denk dat het handig kan zijn."

"En ik krijg veel voor elkaar door anderen om hulp te vragen. Zo heb ik laatst contact gezocht met dienstverleners zoals ik. Om eens te sparren over hoe zij de dingen doen, kijken of ik iets van hen kon leren. Sindsdien doe ik ook klussen voor collega-bedrijven. Ik ontdek op deze manier voortdurend dat alles kan."

Anderen opzoeken en vertellen over jouw manier van werken en leven blijkt onvermijdelijk te zijn voor goed hosselen. "Sommige mensen vinden het wel raar: ik ben hoogopgeleid, woon in een yuppenbuurt, heb twee kinderen, raap dingen van straat en ik praat er ook nog openlijk over. Maar om zo te kunnen leven, moet ik het wel actief uitdragen."

FietsmoffenHet vinden van klanten is volgens Schreurs een groot en lastig onderdeel van het werk. Stastra beaamt dit. Hij schakelde een bureau in die zijn workshops aan de juiste partijen aanbiedt. De fotografie en dj-klussen komen via via binnen. "Ik heb mezelf aangeleerd om op feestjes of borrels bij vreemden over mijn werk te beginnen; je weet nooit wat eruit kan komen." Daardoor ben je als hosselaar continu met je werk bezig. Schreurs loopt er ook geregeld tegenaan: "Ik bén mijn bedrijf, het is daardoor heel makkelijk om 24 uur per dag maar door te gaan."

En ben je eenmaal hosselaar, dan blijf je dat, bewijst Bart Slot (34). Hij had bedrijfjes in bijenhotels, vleermuizenkasten, fietsmoffen (handschoenen aan het fietsstuur) en luchtfoto's. Had Slot een idee, dan kreeg dat een domeinnaam en werd het een bedrijf. Totdat hij drie jaar geleden een hersenbloeding kreeg en hij, halfzijdig verlamd en deels blind, niet meer in staat was om op dezelfde manier te werken.

De hersenbloeding heeft een deel van zijn brein een klap gegeven, maar de ideeën blijven komen. "Ik heb nu een dienst bedacht, een soort nieuwe Uber. Alleen kan ik niet meer programmeren. Ik broed op manieren om het toch vorm te geven, ondanks alle beperkingen."

Zijn verhaal legt wel een nadeel van hosselen bloot: het grote gebrek aan sociale zekerheid. Slot ziet dat niet zo. "Had ik in vaste dienst gewerkt, dan had ik het waarschijnlijk ruimer gehad en een pensioen. Maar ik heb absoluut geen spijt. Voor mij is het belangrijk om op een heel directe en duidelijke manier mijn geld te verdienen. Er zijn zo veel baantjes die nutteloos zijn. Controleurs die controleurs controleren - dat soort dingen. Ik vind het interessanter en leerzamer om je brein aan te zetten, om nieuwe dingen te ontdekken, de spanning te voelen: gaat dit idee lukken? Dat is voor mij belangrijker dan de luxe van veel geld."

Gerelateerde artikelen:

Eén op de acht vindt klus via onlineplatform

Bye bye vaste kracht, leve de flexwerker