Nieuws Actueel

Zzp'er op grote hoogte

Als bergbeklimster kwam ze in de entertainmentindustrie. Nu werkt Laura Prinssen dagelijks op grote hoogte. Prinssen is als zelfstandige verbonden aan het bedrijf Orange Access in Arnhem, meldt het Brabant Dagblad.

Carolien Gerards | Foto: Gerard Verschooten 2 januari 2017

Nee, bang is Laura Prinssen eigenlijk niet als ze op tientallen meters hoog in de lucht bungelt om de Waalbrug te inspecteren. "Maar je moet wel een gezond respect voor hoogte hebben. Als je dat niet hebt, word je laks." Een gesprek met een vrouw die in de touwen hangt om glazen te wassen en bruggen te inspecteren.

"Door touwen kom ik op het werk. Dat is zo ongeveer wat ik doe", vertelt de 45-jarige Nijmeegse. Onlangs hing Prinssen in een klimgordel aan de onderkant van de Waalbrug. Samen met twee collega's maakte ze foto's van een rail onder de brug. Aan die rail kan een inspectiewagentje hangen. Daar gaan inspecteurs in zitten om de onderkant van de brug te bekijken. Deze week gingen er opnieuw collega's van Prinssen aan het werk. Ze zekeren zichzelf met touwen aan de brug.

De controle van de rail gaat vooraf aan een grote renovatie van de brug in 2018. Dan vervangt de gemeente de busbaan door een breed fietspad in twee richtingen.

Industrieel klimmer

Prinssen is een van de weinige vrouwen in Nederland met als beroep 'industrieel klimmer'. In 2004 begon ze met het vak. Inmiddels geeft ze ook instructie en is ze supervisor: zij is bij projecten verantwoordelijk voor de veiligheid van de mensen met wie ze werkt. Prinssen heeft duizenden uren aan praktijkervaring. De routine zit er dus in maar het werk blijft spannend. "Een keer was ik aan het klimmen en schoof ik mijn spullen aan een balk door. Toen zag ik ineens dat de balk ophield. Dan schrik je wel even. En voor de eerste keer op 130 meter hoogte over een rand stappen, is ook best wel even slikken", aldus Prinssen.

Ook reddingen staan op haar cv: "Dat is heel belangrijk, want als wij bijvoorbeeld de bladen van windmolens inspecteren, kan de brandweer daar in principe niet bij. Dan moeten wij onszelf kunnen redden."

Een keer maakte ze zo'n redding mee. Dat was in een trainingssituatie. "Niet ernstig. Een jongen stond op vier meter hoogte en kreeg kramp in zijn benen. Hij kon niet meer staan. Ik ben toen naar hem toe geklommen en heb hem naar beneden geholpen." Prinssen benadrukt hoe 'extreem veilig' haar werk is. Ze voert het uit volgens het internationale veiligheidssysteem Irata. "Bij elk nieuw niveau dat je daarin bereikt, krijg je meer verantwoordelijkheid. Het systeem is heel hiërarchisch. Zo gaat er niemand een brug op zonder dat ik de touwen heb gecontroleerd." En de klimmers zekeren zichzelf altijd aan twee onafhankelijke ankerpunten. "Wat er ook gebeurt: je blijft dus altijd hangen."

Kraanschip

Het systeem loont, zegt Prinssen. "In de twintig jaar dat het bestaat, zijn er wereldwijd slechts vijf dodelijke ongevallen gebeurd." Het grootste gevaar ontstaat volgens Prinssen doordat anderen niet goed opletten. "We beschilderden een keer de belettering van een kraanschip. De benedenvloer was afgezet, omdat wij boven aan het klimmen waren. Daar liep toch zomaar iemand overheen. 'Gooi 'ns wat verf naar beneden'", riep ik. Ze grinnikt er nog om. "Hij was zo weg."

Prinssen heeft van haar hobby haar werk gemaakt. Als bergbeklimster ging ze aan de slag in de entertainmentsector. "Ik hing bijvoorbeeld licht- en geluidsinstallaties op bij festivals en veiligheidsystemen voor circusartiesten." Dat deed ze in haar eentje. Minder veilig dus. "Ooit stond ik in de Amsterdam ArenA 40 meter hoog op een balk. Ik geloof dat ik reclamedoeken moest ophangen. Toen dacht ik: als ik nu val, dan hang ik naast die balk. Kan ik er niet meer zelf op komen en is er niemand om mij te redden als ik bewusteloos raak. Dat was voor mij reden om te leren hoe ik dit werk veilig kan doen en een collega kan redden als dat moet."

Openluchtmuseum

Prinssen ging als zelfstandige aan de slag en is verbonden aan het bedrijf Orange Access in Arnhem. Daar leerde ze de kneepjes van het vak. "Je maakt echt vanalles mee", vertelt ze over haar werk. Ze klom al eens op het dak van attractie HollandRama in het Openluchtmuseum. En er zat een keer spreeuw op haar hoofd tijdens een inspectie. "Die was per ongeluk meegegaan toen we een windmolen controleerden. Ik ben hem maar gaan voeren."

Tijd om van het uitzicht te genieten is er soms ook. "Ik ben natuurlijk supervisor", zegt ze grinnikend. "Ik werkte ook al eens wat papieren bij toen ik toezicht hield bij een windmolen."

Op termijn denkt Prinssen vooral te gaan werken in de projectplanning. "Want het werk is fysiek wel zwaar. Ik kan het denk ik nog wel een jaar of tien doen. Maar niet tot mijn 65ste."