Kees de Jong schreef eerder voor De Ondernemer over een paradigmashift: de succesvolste bedrijven groeien niet meer, maar krimpen. Hij gebruikte CM.com als voorbeeld. Een bedrijf dat dankzij technologie meer omzet en marge weet te realiseren met minder mensen.
Ik begrijp die observatie. Sterker nog: ik denk dat hij op iets wezenlijks wijst.
Alleen zou ik het net iets anders formuleren. De meest productieve bedrijven zijn niet primair bezig met krimpen. Ze zijn bezig met meer waarde toevoegen met minder mensen. Niet omdat mensen lastig zijn. Maar omdat onnodige complexiteit lastig is, gaat daarin veel waarde verloren.
En daar zit volgens mij de echte kanteling.
Technologie is niet het beginpunt
Veel ondernemers kijken nu naar AI alsof het een buitenboordmotor is die ze snel even tegen hun bedrijf aan kunnen schroeven voor de nodige versnelling. Alsof je met een paar slimme tools vanzelf productiever wordt. Dat is een gevaarlijke gedachte. Want technologie maakt een goed georganiseerd bedrijf vaak veel beter. Maar technologie maakt een rommelig bedrijf vooral sneller rommelig.
Als je proces onduidelijk is, automatiseer je onduidelijkheid. Als verantwoordelijkheden vaag zijn, schaal je vaagheid. Als niemand weet wat echt waarde toevoegt, gaat AI je daar niet plotseling in redden.
De beste bedrijven beginnen daarom niet met technologie. Ze beginnen met de vraag: voor wie voegen wij eigenlijk waarde toe? Pas daarna komt de vraag: hoe organiseren we ons werk zo eenvoudig mogelijk om die waarde elke dag beter te leveren?
Minder mensen is geen doel op zich
Laat ik helder zijn: ‘meer doen met minder mensen’ klinkt al snel kil. Alsof mensen vooral kostenposten zijn. Of zoals economen mensen noemen; ‘arbeid’. Dat bedoel ik dus niet.
Een productief bedrijf trekt mensen niet leeg. Een productief bedrijf haalt onnodige frustratie uit het werk. Daar zit een wereld van verschil tussen.
In matig georganiseerde bedrijven zijn mensen vaak druk met allesbehalve waarde toevoegen. Ze zoeken informatie, wachten op besluiten, herstellen fouten en zitten in overleggen waar niemand echt eigenaar is van de uitkomst. Ze doen werk opnieuw omdat het eerder niet goed is overgedragen.
Iedereen werkt hard. Maar het bedrijf beweegt traag. Dat is geen personeelstekort. Dat is een productiviteitsprobleem.
De reflex: meer erbij
Wat mij opvalt: zodra bedrijven vastlopen, is de eerste reflex vaak om iets toe te voegen. Managers, overleggen, procedures, KPI’s, systemen en medewerkers vliegen je om de oren als je niet uitkijkt.
Allemaal met de beste intenties.
Maar opvallend vaak wordt het bedrijf daar niet eenvoudiger van. En zeker niet menselijker of productiever. Voor je het weet, heeft een ondernemer een bedrijf gebouwd dat professioneel oogt, maar van binnen steeds stroperiger wordt. Meer lagen, ruis en afstemming. Meer mensen die iets van elkaar nodig hebben voordat er iets kan gebeuren.
We hebben professionaliteit jarenlang verward met complexiteit. Zeer productieve bedrijven werken vaak juist eenvoudig.
Eenvoud is geen beginnersniveau
Eenvoud wordt vaak onderschat.
Alsof eenvoudige bedrijven nog niet volwassen zijn. Alsof je pas professioneel bent als je een ingewikkeld organogram hebt. Alsof een bedrijf pas serieus genomen mag worden als niemand meer precies begrijpt hoe besluiten tot stand komen.
Maar eenvoud is geen gebrek aan professionaliteit. Eenvoud is juist het resultaat van scherp kiezen.
Weten wat belangrijk is.
Weten wie waarvoor verantwoordelijk is.
Weten wanneer iets goed genoeg is.
Weten waar je wel en niet op stuurt.
Weten welk werk waarde toevoegt en welk werk vooral bezigheidstherapie is.
De beste bedrijven die ik zie, maken hun organisatie niet groter dan nodig. Ze maken haar begrijpelijker dan gemiddeld. Dat klinkt misschien minder sexy dan AI, scale-ups en exponentiële groei. Maar het werkt wel.
En eerlijk is eerlijk: ‘het werkt wel’ is in veel bedrijven al een vrij revolutionaire ambitie.
Voordat beter meer wordt, is minder beter
Ik ben de afgelopen jaren steeds meer gaan geloven in een voor mij best ongemakkelijke zin: Voordat beter meer wordt, is minder beter.
Minder regels die niemand begrijpt. Minder overleg zonder besluit. Minder doelen die elkaar tegenspreken. Minder afhankelijkheid van de ondernemer. Minder werk dat alleen bestaat omdat het ooit zo is ontstaan.
Niet om kleiner te denken. Juist niet.
Maar omdat bedrijven pas echt meer waarde kunnen leveren als ze stoppen met energie verspillen aan het vakkundig organiseren van hun eigen complexiteit. Lees: hun eigen probleem.
Dat is ook de gedachte achter het boek waar ik nu aan werk: ‘Minder is Beter’. Niet als pleidooi voor kaalslag. Niet als lofzang op krimp. Maar als correctie op een hardnekkige misvatting: dat meer automatisch beter is.
Meer mensen maakt een bedrijf niet vanzelf sterker.
Meer systemen maken een bedrijf niet vanzelf slimmer.
Meer controle maakt een bedrijf niet vanzelf betrouwbaarder.
Meer management maakt een bedrijf niet vanzelf volwassener.
Veel te vaak is ‘meer’ gewoon meer gedoe. De vooruitgang zit vaak in het bewust zijn van de ‘meer-reflex’ en daar niet meteen aan toe te geven.
De echte vraag voor ondernemers
De interessante vraag is dus niet: hoe kunnen we groeien?
De betere vraag is: hoeveel waarde kunnen we toevoegen zonder onszelf groter, logger en ingewikkelder te maken dan nodig?
Dat is een veel spannendere vraag.
Want die dwingt ondernemers om anders te kijken. Niet alleen naar omzet, maar ook naar de brutomarge. Niet alleen naar het aantal fte’s, maar ook naar hoe die worden benut. Niet alleen naar mensen aannemen, maar naar werk slimmer organiseren.
Niet alleen naar technologie, maar naar de kwaliteit van de organisatie waar die technologie in terechtkomt.
AI kan daarbij enorm helpen. Zeker. Maar AI is niet de ‘gamechanger’. AI is een hefboom. En een hefboom maakt het goede veel beter, maar het slechte ook harder hoorbaar.
Productiviteit is uiteindelijk menselijk
Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar ik denk dat de meest productieve bedrijven van de toekomst juist menselijker worden. Niet zachter in de zin van vrijblijvend. Wel menselijker in de zin van duidelijker, eerlijker en eenvoudiger.
Mensen weten waaraan ze bijdragen en begrijpen hoe hun werk waarde toevoegt. Ze hoeven minder energie te verspillen aan gedoe en krijgen ruimte om verantwoordelijkheid te nemen. Mensen worden niet gemanaged door systemen, maar vormen zelf het systeem waarmee de organisatie waarde toevoegt.
Dat is de belofte van echte productiviteit.
Niet harder werken, blind meer mensen aannemen of automatiseren. Maar een bedrijf bouwen waarin klanten beter worden geholpen, medewerkers beter tot hun recht komen, leveranciers beter kunnen samenwerken en aandeelhouders betere resultaten zien.
Meer waarde dus.
Misschien is dat wel de nieuwe definitie van ondernemerschap. Niet zo groot mogelijk worden. Maar zo waardevol mogelijk.