Blog

De schade, schande en de stilte daarna: waarom een faillissement zoveel meer is dan een financieel drama alleen

Geldpsycholoog Hanneke van Onna. Foto: eigen beeld
Geldpsycholoog Hanneke van Onna. Foto: eigen beeldGeldpsycholoog Hanneke van Onna. Foto: eigen beeld
Leestijd 6 minuten
Over de expert:
hanneke van onna geldpsycholoog
Hanneke van Onna
Geldpsycholoog
Lees verder onder de advertentie

Ik moedigde hem aan: ‘Het is maar een woord. Je kunt het gewoon zeggen.’

Met horten en stoten kwam het eruit.

Het faillissement.

Lees verder onder de advertentie

Ik weet hoe dit voelt. Van binnenuit

In 2008 mocht ik mijn eigen faillissement meemaken. Midden in de kredietcrisis. Voor wie wil begrijpen hoe dat ook weer precies zat: de documentaire Inside Job op YouTube is razend interessant en onthullend. Maar dat is niet waar het hier over gaat.

Het gaat over wat er met je gebeurt. Van binnen. Als ondernemer. Als mens.

Lees ook: Je erft meer dan aandelen: waarom de zwaarste last in een familiebedrijf nergens op papier staat

Lees verder onder de advertentie

Gevoelens van schuld en schaamte

Toen het gebeurde was ik in shock. De gevoelens van schuld en schaamte waren zo overweldigend groot dat ik mezelf volledig afsloot. Voor emoties, voor verhalen, voor goedbedoelde adviezen, voor mensen. Ik was verdwenen in mezelf.

Tegelijkertijd sloeg de buitenwereld genadeloos toe. Rechtszaken. Schulden. Betalingsregelingen met de bank en de Belastingdienst. De curator die hijgend in mijn nek ademde. Vragen van personeel die ik niet kon beantwoorden. Boze schuldeisers aan de telefoon. En in mij: een tsunami van verdriet, rouw, angst en pijn.

Ik had slapeloze nachten en jarenlange nachtmerries over schuldeisers die op de stoep stonden. Ik voelde me een absolute loser

Slapeloze nachten. Jarenlange nachtmerries

De jaren daarna mocht ik de volledige impact van deze kaalslag aankijken, voelen en doorleven. Dat klinkt mooier dan het was. Het was zwaar. Buitengewoon zwaar.

Lees verder onder de advertentie

Ik had slapeloze nachten en jarenlange nachtmerries over schuldeisers die op de stoep stonden. Ik voelde me een absolute loser. Een faler. Naar iedereen die erbij betrokken was, naar mijn kinderen, naar mijn partner, en bovenal naar mezelf. De zelfafwijzing en de zelfkastijding waren uiteindelijk het meest verwoestend.

Want schuldeisers gaan uiteindelijk weg. De Belastingdienst komt tot een regeling. De curator sluit zijn dossier. Maar de innerlijke rechter, die blijft. Die fluistert door in de stille uren.

Failliet gaan is taboe. En dat maakt het erger

Toen mijn klant tegenover me zat en over zijn faillissement sprak, voelde ik alles wat hij niet kon zeggen: de angst voor de toekomst, de pijn van het verlies, het ongeloof over zijn eigen beslissingen, de frustratie over de bureaucratie, de financiele pijn van torenhoge advocatenrekeningen en de woede over het onrecht van het hele systeem.

Lees verder onder de advertentie

‘Deze gifbeker is groot en diep en moet helemaal leeg,’ zei hij.

En hij heeft gelijk. Alleen: de meeste ondernemers legen die beker nooit. Ze duwen hem weg. Ze stoppen het verhaal in de doofpot, schuiven het onder de mat. Ze duiken weg voor schuldeisers. Ze trekken de dekens over hun hoofd en wachten tot de storm overwaait. Of zeggen ‘kruisje achter mijn naam, en door’.

Logisch. Ik snap dat. Ik deed het zelf ook.

Lees verder onder de advertentie

Openlijk praten over faillissement doe je niet. Niet bij vrienden, niet op verjaardagen, zeker niet op social media. De pijn en het gevoel van falen zijn te groot. Het woord alleen al draagt de lading van schande.

Want bij een faillissement zijn er alleen maar verliezers. Of je nu zelf failliet bent gegaan, of slachtoffer bent van andermans bankroet. Niemand wint hier.

Niemand die zag dat het geldverhaal dat ik mezelf vertelde een veel groter probleem was dan de schulden zelf

Tien jaar. Zo lang duurde het

Zelf heb ik er bijna tien jaar over gedaan om het juk van schuld en schaamte volledig van me af te schudden. Financieel en emotioneel. Dat klinkt als een lange tijd. En dat ís het ook.

Lees verder onder de advertentie

Maar ik had destijds niemand die me wees op wat er cellulair en somatisch in mijn lijf vastzat. Niemand die me help begrijpen hoe schuld en schaamte zich nestelen in je zenuwstelsel, je frequentie, je manier van geld ontvangen en genereren. Niemand die zag dat het geldverhaal dat ik mezelf vertelde een veel groter probleem was dan de schulden zelf.

Nu weet ik dat. En nu help ik anderen ermee.

Lees ook: Zeer succesvolle ondernemer is doodsbang dat zijn geld onveilig is: ‘De Belastingdienst gaat alles van je afpakken’

Lees verder onder de advertentie

Het faillissement is voorbij. De schade niet altijd

Als ondernemer die een faillissement, financieel trauma of zwaar verlies heeft meegemaakt, kun je niet simpelweg ‘opnieuw beginnen’ zonder de onderliggende patronen te helen. Want die patronen gaan mee. Ze bepalen onbewust hoe je de volgende keer omgaat met geld, risico, groei, partners, klanten.

Ik werk met ondernemers die willen helen en herstellen. Die sterker terug willen komen. Die het niet nog eens tien jaar willen dragen.

Wat zou je kunnen doen als je voelt dat je mentale of emotionele faillissements-schade hebt opgelopen?

  • Geef er woorden aan. Niet eenmalig, maar regelmatig. Tegen jezelf, tegen iemand die je vertrouwt, in een dagboek. Zolang dingen onbesproken blijven, heeft het macht over je. De schaamte leeft in de stilte.

  • Maak onderscheid tussen wat er is gebeurd en wie je bent. Een faillissement is een gebeurtenis. Geen vonnis over jouw waarde als mens of ondernemer. Zolang je die twee door elkaar haalt, draag je meer dan je schulden: je draagt een identiteit die niet de jouwe hoeft te zijn.

  • Leer je eigen geldpatronen kennen. Financieel trauma zit niet alleen in je hoofd. Het zit in je lijf, je zenuwstelsel, je hele innerlijke systeem. In de stress die oplaait zodra je je bankrekening opent. In de brok in je keel als iemand vraagt hoe het gaat met je bedrijf. In de manier waarop je bevriest bij een grote factuur, of juist compulsief hard gaat werken om de pijn te overstemmen.

  • Dit zijn geen karakterfouten. Dit zijn aangeleerde overlevingsstrategieën. Je zenuwstelsel heeft tijdens het faillissement geleerd dat geld gevaarlijk is, dat groei gevaarlijk is, dat vertrouwen gevaarlijk is. En dat patroon neemt het mee naar alles wat daarna komt: hoe je offertes verstuurt, hoe je onderhandelt, hoe je beslissingen neemt. Onbewust. Maar wel zichtbaar op de bankrekening helaas.

  • Pas als je die patronen herkent en erkent kun je ze doorbreken.

  • Stop met het verhaal dat je had moeten weten. Ondernemers, mensen in het algemeen, zijn genadeloos voor zichzelf na een mislukking. Ze reconstrueren elk besluit, elke ondertekende overeenkomst, elk gesprek dat anders had gekund. Dat voelt als zelfreflectie. Ik zie het als zelfkastijding.

  • En zelfbestraffing heeft een directe impact op je ontvangstcapaciteit: je vermogen om nieuwe kansen, inkomsten en vertrouwen te ontvangen. Wie zichzelf in de kern als faler ziet, saboteert dat onbewust. Je ziet kansen niet, je grijpt ze niet, of je legt ze neer op het moment dat het echt gaat gebeuren. De neuroplasticiteit van je brein werkt in je nadeel zolang het oude verhaal aan het stuur zit.

  • Het oude verhaal herschrijven is geen positief denken. Het is dieptewerk.

  • Zoek steun buiten je eigen kring. Vrienden en familie doen hun best. Maar ze dragen ook hun eigen angst, oordeel en machteloosheid mee. Ze willen je beschermen, en dat betekent vaak dat ze het onderwerp vermijden of te snel oplossingen aandragen.

  • Wat je nodig hebt is iemand die het terrein kent. Die begrijpt hoe financieel trauma werkt, hoe schaamte zich gedraagt, hoe generationele geldpatronen meespelen in wat er is misgegaan. Die je niet vertelt dat je positief moet blijven, maar je helpt de laag te vinden waar de echte blokkade zit.

Lees verder onder de advertentie

Delen: