Nieuws Duurzaamheid

Hoe bedrijven slim kunnen toewerken naar groene en goedkopere stroom

Duizenden ondernemers willen hun bedrijfsgebouwen verduurzamen, maar lopen daarin vast door problemen met de aansluiting op het stroomnet. Door lokale energieopwekking en -buffering in batterijen, en door het afvlakken van de pieken in het dagelijkse verbruik, kan het gros van de groene projecten echter gewoon doorgaan. Bijvangst is een lagere energierekening. Dat stelt Ardo Leijen, werkzaam bij de afdeling ‘Buildings as a Grid’ van Eaton Benelux.

Wim Danhof 1 januari 2022

Groene stroom

Foto: Shutterstock.

Eaton is een wereldwijd opererend powermanagementbedrijf, dat bedrijven onder andere ondersteunt op het gebied van energiemanagement en hun transitie naar het gebruik van groene stroom. Met een volledig assortiment aan hardware en software kan Eaton elk bedrijf helpen aan maatwerk op energiegebied. Zo levert het laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen, batterijen voor de opslag van zonne-energie, verdeelsystemen, en de intelligente schil die al deze componenten aanstuurt: energiemanagementsoftware.

'Buidings a a Grid'

Leijen benoemt de grote beweging waarbij bedrijven niet meer uitsluitend stroom afnemen die vanuit een energiecentrale uiteindelijk in de meterkast terechtkomt. Steeds meer gebruiken bedrijven ook lokaal, zelf opgewekte groene stroom; stroom die zij terugleveren aan het elektriciteitsnet, maar ook zelf gebruiken tijdens korte piekmomenten in hun energiegebruik. Het Nederland van de toekomst is als een fijnmazige matrix met gebouwen, bedrijventerreinen en woonwijken waar energie (ook) decentraal wordt opgewekt, opgeslagen en aangewend: Buildings as a Grid.

Via verduurzaming naar lagere energiekosten

Leijen legt uit hoe dit precies werkt: ,,De meeste bedrijven hebben een voorspelbaar, door vaste patronen bepaald energiegebruik. Daarin zien we vaak kortstondige piekmomenten. Bijvoorbeeld in de ochtend, nu steeds meer kantoormedewerkers auto’s aan laadpalen hangen, en wanneer de laptops worden aangekoppeld. Door lokaal CO2-vrije energie op te wekken, meestal via zonnepanelen op het dak, en die energie tijdelijk op te slaan in een batterij, kun je op dergelijke drukke momenten die energie zelf gebruiken in plaats van terugleveren aan de netbeheerder. Dat voorkomt kosten, want de kilowatturen die je zelf opwekt en gebruikt hoef je niet te betalen aan je netbeheerder.”

,,Het leidt ook tot een lagere prijs voor het energiecontract met de netbeheerder, want energie wordt vaak ingekocht op basis van het meestal kortstondige piekverbruik, dat je op deze manier kunt afvlakken. Bij zo’n afgevlakt gebruik kan je bedrijf bovendien gevoed worden met een duurzamer proces om je van energie te voorzien, want juist bij het opschalen van de energievoorziening voor jouw piekverbruik kan een centrale energieproducent vervuilende gasturbines gebruiken.”

Energiemanagementsoftware: de slimme regelaar

Het is dus zaak om als bedrijf balans aan te brengen tussen de vraag naar en het aanbod van energie, om die dure en vervuilende pieken in het energiegebruik af te vlakken. Energiemanagementsoftware is de intelligente motor hierachter. Deze software bekijkt onder andere wanneer, en tegen welke prijs energie beschikbaar is, en hoeveel energie het gebouw nodig heeft en gaat hebben. En ook wanneer de lokaal opgewekte energie wordt gebufferd in een batterij, het bedrijf wordt ingebracht, of wordt verkocht aan de markt.

Nu gaat deze groene decentralisatie van de energievoorziening gepaard met enorme problemen. De NOS meldde in november dat drieduizend duurzame projecten in de wacht staan door problemen in het netwerk van de drie grootste netbeheerders: Liander, Stedin en Enexis: of het vermogen dat bedrijven nodig hebben kan niet van het netwerk worden afgenomen, of de groene energie die ondernemers lokaal willen opwekken kan niet in het netwerk worden teruggestuurd. Nu duurt het soms jaren voordat kan worden begonnen met de bouw van een transformator voor een nieuw benodigde aansluiting op het stroomnet.

Lees ook: Primeur voor Nederland: buurtbatterij als buffer voor opgewekte zonnestroom

SDE++-subsidie onmogelijk zonder transportindicatie

Dat is een groot knelpunt, temeer omdat de overheid ondernemers onder druk zet om te verduurzamen, zo legt Leijen uit: ,,Kantoorgebouwen van een bepaald formaat moeten naar energielabel C, en daarna naar B en A. Daarom zie je nu ook veel renovatie van vastgoed. Huurders van gebouwen willen iets huren waarbij het energiegebruik per vierkante meter gunstig uitkomt, en zijn ook geïnteresseerd in eigen opwekking. De SDE++-subsidies stimuleren investeringen voor die eigen opwekking van groene energie. Maar die subsidies worden alleen toegekend wanneer er een transportindicatie is, met andere woorden: als die zelf opgewekte energie ook kan worden teruggeleverd aan de beheerder van het stroomnet.”

Toch kunnen de meeste ondernemers hun groene plannen wel degelijk realiseren zonder daarbij afhankelijk te zijn van de netbeheerder, zo stelt Leijen: ,,Veel ondernemers realiseren zich nog niet dat zij zelf allerlei maatregelen kunnen nemen om hun piekverbruik te reduceren en het energiegebruik meer over de dag uit te smeren. Eaton kan als totaalleverancier goed meebewegen met de behoeften en doelstellingen van de ondernemer en een oplossing ontwikkelen waardoor hij wellicht toch niet een grotere aansluiting op het stroomnet nodig heeft.”

Lees ook: Mercedes-Benz met elektrische deelauto’s in revolutionair woningbouwproject

Slim omgaan met laadpalen voor elektrische auto’s

Als voorbeeld noemt hij elektrische voertuigen. De komende jaren zal de behoefte van bedrijven aan laadpalen op hun parkeerterrein enorm toenemen, gegeven de snelle elektrificatie van wagenparken, die ook weer door de wetgever wordt afgedwongen. Zo staat in het Klimaatakkoord dat er in 2030 1,8 miljoen laadpunten moeten zijn.

,,Ondernemers realiseren zich vaak helemaal niet hoeveel stroom zo’n laadpaal verbruikt: één lader van 22 Kilowatt verbruikt evenveel stroom als tien wasmachines. Plaatst een bedrijf meerdere van die laadpalen, dan heb je een grotere transformator nodig, terwijl de installateur vaak een wachttijd heeft van meerdere jaren. Er bestaan echter prima oplossingen om anders met deze groeiende energiebehoefte om te gaan, waarbij die grotere aansluiting toch niet nodig is.”

,,Zo kun je bij elektrische auto’s het laden uitsmeren over de dag voor wat betreft de medewerkers die de hele dag op kantoor zijn. Zij kunnen dan een kleinere lader gebruiken. Zo speel je capaciteit vrij voor het snel laden van elektrische voertuigen van medewerkers die veel de weg op moeten, bijvoorbeeld servicemonteurs. Zij gebruiken dan laadpalen met een hoog laadvermogen. Op deze manier vlak je aan het begin van de werkdag, als iedereen zijn auto aan de laadpaal hangt, een piek af in het stroomverbruik. En als er dan nog pieken overblijven kun je voor die momenten weer je batterij ontladen die je eerder hebt gevoed met de zonne-energie die je als bedrijf lokaal opwekt.”

Leijen, tot slot: ,,Natuurlijk, er zijn gevallen van bedrijven met een continu energietekort. Dan kom je ook met een batterij en energiemanagementsoftware niet altijd tot een oplossing, en blijf je voor je verduurzaming afhankelijk van de netbeheerder. Maar dit zijn de uitzonderingen. In heel veel gevallen kom je tot een oplossing door gewoon slimmer om te gaan met de energievraag en de energiebehoefte.”

Hoe dertig bedrijven hun energievoorziening verduurzamen

In het Zeeuwse Tholen werken ondernemers samen aan de verduurzaming van de energievoorziening op een compleet bedrijventerrein. Eaton is betrokken bij dit project onder leiding van WM3 Energy. Peter van Tuijl, directeur van WM3 Energy, legt uit wat hier gebeurt:

,,Zoals er files ontstaan wanneer er te veel verkeer is, ontstaan er op het elektriciteitsnet soms ook kortstondige congestieproblemen door piekmomenten in de teruglevering van duurzaam opgewekte energie. Er is dan simpelweg te veel stroom op het net. Dat probleem speelt zeker bij een pilot die wij draaien op een terrein met ruim dertig bedrijven in Tholen. Een aantal bedrijven kan nu gebruik maken van de toegekende SDE++-subsidie voor investeringen in duurzame energie, en zonnepanelen installeren op hun dak. Als de pilot slaagt, kunnen andere bedrijven van de netbeheerder weer een zogenoemde transportindicatie krijgen die nodig is voor de aanvraag van de SDE++-subsidie.”

,,Wij realiseren voor dit bedrijventerrein een oplossing die deze netcongestie wegneemt door het afvlakken van de piekbehoefte. Deze oplossing bestaat, naast zonnepanelen op de daken van de bedrijven, uit een batterij voor energieopslag en een energiemanagementsysteem. Dit slimme systeem herkent tijdig wanneer er richting dit bedrijventerrein teveel stroom op het net komt en anticipeert daarop; de batterij wordt dan tijdelijk opgeladen met de energie van de zonnepanelen. Is er weer voldoende ruimte op het elektriciteitsnet van de netbeheerder, dan ontlaadt de batterij weer, en kan er energie op het elektriciteitsnet worden teruggeleverd. Elk bedrijf op het betreffende bedrijventerrein is aangesloten op dat energiemanagementsysteem, dat bestaat uit software en een slimme meter.”

,,Wanneer dit traject naar verwachting over een half jaar is afgerond, is de energievoorziening er altijd in balans; bedrijven hoeven dan niet meer naar hun piekbehoefte vermogensruimte in te kopen en zijn daarmee contractueel goedkoper uit. En daarnaast krijgen zij dan van de netbeheerder alsnog de transportindicatie als voorwaarde voor de bemachtiging van SDE++-subsidies voor hun investeringen in duurzame energie.”