Nieuws Technologie

Internet of Things kan bedrijven heel veel geld opleveren

Er zijn meer dingen met internet verbonden dan mensen. Toch staat het Internet of Things nog in de kinderschoenen. Maar niet meer voor lang. In dit artikel vind je denkvoer voor je digitale toekomst.

Anton Damen 28 februari 2017

Io T dossierverhaal 2

Het Internet of Things (IoT) zal de digitale revolutie doen verbleken. Dat roepen althans trendwatchers, analisten en futurologen in koor. De term viel voor het eerst in 1997, maar pas de laatste jaren wint het begrip aan bekendheid. De zoveelste hype, zeggen de meeste mensen. Maar dat is een misvatting, want het Internet of Things ís er al. Het heeft er misschien alle schijn van dat mensen de dienst uitmaken op internet, maar vergis je niet: vanaf 2008 zijn er meer dingen verbonden met internet dan mensen.

Elke dag gaan 5,5 miljoen apparaten, in alle vormen en maten, voor het eerst online. Knoopte het internet computers wereldwijd aan elkaar, het Internet of Things doet dat met computers, wearables, smartphones, camera’s, auto’s, meetinstrumenten en de cloud. Van slimme thermostaten en draadloze beveilingscamera’s tot bluetoothtandenborstels en duiven. Duiven?

Ja, sinds vorige maand gebruiken de Britten met sensoren uitgeruste duiven om de Londense luchtvervuiling te meten. Zelfs de mens is een ding geworden, want met een Fitbit of Apple Watch om je pols en een smartphone op zak ben je niets anders dan een wandelende sensor die data verzamelt en verstuurt, van hartslagen tot locaties.

Lees verder na de afbeelding

Io T 2

Connected home
De dingen zijn er dus al, het internet ook, maar qua communicatie staat het dingennetwerk nog in de kinderschoenen. Aardige graadmeter is the connected home. Google’s hippe Nest Thermostat laat zich dan wel bedienen door een mobieltje van concurrent Apple, maar wat de sensoren ook opvangen aan bewegingsactiviteit, temperatuur, omgevingslicht en luchtvochtigheid, ze geven niks prijs. De enige producten waarmee de Nest Thermostat data uitwisselt, zijn ándere producten van Nest, zoals de smartrookmelder en de Nest Cam. Kocht je dus een bewakingscamera van een andere fabrikant in de hoop dat die een mooie schakel in je smarthome zou vormen: pech!

Het geheel is meer dan de som der delen, maar alleen als die delen hetzelfde merkje hebben. De gadgets die er voor Apple’s homekit aan zitten te komen, gaan uiteraard ook niet babbelen met die van andere merken. Op dit moment is het Internet of Things nog een digitale toren van Babel, en dat bouwsel is de geschiedenis niet ingegaan als succesverhaal. Ongetwijfeld gaat de markt samenwerking stimuleren dan wel afdwingen. Wie nu zijn oor goed te luisteren legt, bijvoorbeeld bij Samsung dat de connected home als speerpunt ziet en eerder dit jaar met nieuwe modellen wifikoelkasten en -wasmachines kwam, hoort ook van de fabrikanten al een pleidooi voor meer openheid en samenwerking.

Bedrijfsleven
Ondertussen hoopt Microsoft dat hun Windows 10 straks dé verbindende factor wordt. Het bracht al een uitgeklede versie van het besturingssysteem uit onder de naam Windows 10 IoT Core, speciaal voor het spotgoedkope mini-pc’tje Raspberry Pi, dat populair is bij handige harry’s en andere hobbyisten om smartgadgets met elkaar te laten communiceren.

De toekomst laat zich lastig in cijfers vangen, maar adviesbureau Gartner becijferde dat er in 2020 zo’n 26 miljard apparaten aan het internet verbonden zullen zijn, wat neerkomt op een verdertigvoudiging in tien jaar tijd. Dit astronomisch klinkende getal is nog een conservatieve schatting. In andere analyses worden zelfs vijftig tot honderd miljard apparaten genoemd. Wat je wel met zekerheid kunt zeggen: het zullen er veel zijn. Al die apparaten en sensoren blijven niet in onze huiskamers, maar zullen worden gebruikt op kantoor, in het magazijn, in de fabriek en in alle facetten van het bedrijfsleven. Vergeet het huis van de toekomst; het bedrijf van de toekomst gaat het verschil maken. Zoals Jason Shepherd van Dell het formuleert: ,,Als bedrijven de waarde van IoT beginnen te begrijpen (zoals return on investment, efficiency, productiviteit et cetera), zullen commerciële IoT-oplossingen terrein winnen en zal de onderneming zich ontpoppen als de grootste markt voor IoT- toepassingen.”

Er is voor het bedrijfsleven dan ook meer winst te halen dan enkel de besparing op verwarmings- of elektricititeitskosten, doordat de verlichting zichzelf uitschakelt als de laatste werknemer naar huis is. Er staat ook financieel net wat meer op het spel. Volgens netwerkspecialist Cisco Systems gaat IoT het komende decennium goed zijn voor acht biljoen dollar.

Fileprobleem tackelen

Waar gaat al dat geld verdiend worden? De sector logistiek, met voorraadbeheer en transport, is een grote vis. Als een pallet of product van een sensor is voorzien, kan die op elk moment worden getrackt. Onverwacht zonder voorraad komen te zitten of manuren kwijt zijn aan het opsporen van zoekgeraakte goederen die door een menselijke tikfout verkeerd werden ingevoerd, behoort dan voorgoed tot het verleden. Het vervolgtraject, wanneer de producten voor vervoer worden ingeladen, kan ook stukken efficiënter en intelligenter, wanneer de hele vloot aan het Internet of Things hangt. Nog even los van de vraag hoe lang het gaat duren voordat de zelfrijdende auto zijn kunsten op het Nederlandse wegdek mag gaan vertonen, met wat sensoren kun je bijvoorbeeld het fileprobleem al gaan tackelen. Binnen tien tot dertig jaar is namelijk elke wagen en elk stuk asfalt van sensoren voorzien, die continu de drukte meten en doorgeven. Op basis daarvan kan de maximumsnelheid tijdelijk naar beneden worden bijgesteld of juist opgeschroefd, met als gevolg minder ongelukken en minder files. En dat betekent behalve minder ergernissen ook minder kosten. Want de zeven miljard pond die de filedruk op dit moment kost volgens een rapport van de Britse toezichthouder Ofcom, daalt dan met circa 15 procent.

De firma Amazon zou de snelweg het liefst helemaal overslaan. Het digitale warenhuis test op dit moment of drones de producten volautomatisch kunnen bezorgen.

Slim, slimmer, slimst

Klantrelatie
Na de smartphone en de smartwatch lijkt het misschien of het Internet der Dingen uitsluitend om slimme gadgets draait. In de werkelijkheid zijn het eigenlijk (vrij domme) sensoren die de hoofdrol spelen. Klein en fijn genoeg om overal op te duiken: op een melkpak, maar ook in het het cement van een brug. De functie blijft hetzelfde: data meten en naar de cloud sturen, waar de intelligente verwerking plaatsvindt. Zo krijgen bedrijven teruggekoppeld hoe hun producten worden gebruikt, wanneer ze slijtage vertonen of stuk gaan, en wellicht zelfs wat de wensen van de gebruiker zijn. Dat is het begin van een totaal andere relatie met de klant dan in de traditionele situatie, waarin de relatie tussen bedrijf en klant vaak acuut ten einde komt bij de verkoop. Kennis over de klant en het productgebruik kan de service op een veel hoger peil brengen.

Long Range Low Power
Meer kennis betekent ook meer big data, wat weer eigen uitdagingen met zich meebrengt. Want hoe manage je die immense databerg en de communicatiestroom? Een van de oplossingen is het optuigen van een eigen dingennetwerk: LoRa, Long Range Low Power, een communicatienetwerk dat naast de bekende wifi- of 3G-netwerken komt. Voor menselijke internetters veel te traag, maar bij LoRa gaat het om datapakketjes van een paar bytes hier en daar, klein maar voldoende om sensoren of apparaten aan te sturen. Doordat LoRa een lage frequentie gebruikt, is het bijzonder energiezuinig, en daarmee geschikt voor kleine gadgets waarin die ene batterij het jarenlang moet volhouden.

In Nederland zijn er twee grote initiatieven. Naast het gratis opensourceproject The Things Network is KPN voortvarend een eigen LoRa-netwerk aan het uitrollen. Vorige maand had het Nederlandse Mobilock de primeur, een fietsslot dat je niet met een sleutel, maar met je smartphone op slot zet en dat doorseint waar je fiets zich precies bevindt.

Wedden dat het Internet of Things straks net zo ingeburgerd is als de fiets nu?
Dit is een mooi moment om alvast te wennen aan de nieuwe naam die voor het fenomeen wordt bepleit: the Internet of Everything.

Hoe begin je?

  • Denk groot, start klein.
  • Reken je niet rijk. IoT-oplossingen vergen investeringen. Ook na de aanschaf zijn er vaak nog kosten, bijvoorbeeld voor connectiviteit.
  • Het slim en verbonden maken van je product of dienst staat niet op zichzelf, maar betekent ook een koerswijzing voor het bedrijf an sich, ook omdat nieuwe kennis en competenties vereist zijn.
  • Oriënteer je grondig op de IoT-producten die er al zijn en let daarbij op in hoeverre ze met elkaar samenwerken.
  • Doe de interactieve kansenscan op kvk.nl. Nadat je twaalf vragen hebt beantwoord, weet je wat IoT voor jouw bedrijf zou kunnen betekenen.

Elke dag gaan 5,5 miljoen apparaten, in alle vormen en maten, voor het eerst online

Jason Shepherd van Dell