Nieuws Personeel

De verschillen in vakantiedagen: wettelijk of bovenwettelijk?

Jouw werknemers hebben elk jaar recht op een bepaald aantal vakantiedagen. Hierin kun je onderscheid maken tussen wettelijke vakantiedagen en bovenwettelijke vakantiedagen. Wat het verschil is tussen deze verschillende soorten vakantiedagen en hoe je deze vakantiedagen opbouwt of opneemt, lees je in dit artikel.

De Ondernemer | Foto: ANP 10 juli 2019

Wettelijke bovenwettelijke vakantiedagen verlof uren

In dit artikel vind je de volgende onderdelen

Omschrijving wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen

In de wet is vastgelegd dat elke werknemer vier keer het aantal contractdagen aan vakantie krijgt. Een medewerker die fulltime werkt (vijf dagen per week, veertig uur), heeft heeft dus recht op twintig (vier keer veertig uur) vakantiedagen. In uren komt dat neer op 160 uur doorbetaalde vakantie. Dit zijn de wettelijke vakantiedagen.

Bovenwettelijke vakantiedagen zijn alle extra vakantiedagen die jij jouw werknemer biedt, bovenop de wettelijke vakantiedagen. Wanneer je dus te maken hebt met een fulltimer die vijfentwintig dagen vakantie kan opnemen, zijn dit twintig wettelijke en vijf bovenwettelijke vakantiedagen. In het contract dat je met jouw werknemer afsluit, maak je hierover duidelijke afspraken.

Jouw werknemers bouwen altijd wettelijke vakantiedagen op, ook tijdens zwangerschaps- of ziekteverlof. Dit geberut overigens niet bij ouderschapsverlof omdat deze uren als het ware onbetaald zijn. Bovenwettelijke vakantiedagen kunnen jouw werknemers ook opbouwen, tenzij jij hierover iets anders hebt vastgelegd in het contract of CAO.

Maak duidelijk onderscheid tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen

Het is aan te raden om als werkgever een duidelijk overzicht te maken met daarop het aantal vakantiedagen per werknemer. Maak hierin duidelijk onderscheid tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen. Door dit overzicht goed bij te houden en het regelmatig te monitoren, behoud je het overzicht en weet je precies wanneer jouw werknemers nog vrije dagen moeten opnemen. Stimuleer hen daarin.

Het kan ook zo zijn dat jouw werknemer zijn of haar vakantiedagen liever uitbetaald krijgt. Wettelijke vakantiedagen kunnen werknemers alleen opnemen in vrije tijd. Uitkeren in geld kan slechts bij einde van het dienstverband. Bovenwettelijke vakantiedagen kunnen niet alleen worden opgenomen in vrije tijd, maar ook in geld.

Wanneer komen vakantiedagen te vervallen?

Het is belangrijk dat jouw medewerkers de kans krijgen om hun vakantiedagen op te nemen. Wettelijke vakantiedagen komen zes maanden na afloop van het jaar waarin jouw werknemer deze vakantiedagen heeft opgebouwd te vervallen. Dus: heeft iemand extra vakantiedagen opgebouwd of bepaalde vakantiedagen nog niet opgenomen in 2019? Dan moet hij of zij deze vóór 1 juli 2020 opmaken. Als werkgever moet je jouw medewerker wel de kans geven om deze opgebouwde uren op te nemen.

Bovenwettelijke vakantiedagen langer 'houdbaar'

Bovenwettelijke vakantiedagen die niet zijn opgenomen, vervallen daarentegen pas na vijf jaar, tenzij in het contract of CAO iets anders staat. In dit geval rekent jouw werknemer op vijf jaar na het kalenderjaar waarin de bovenwettelijke vakantiedagen zijn opgebouwd. Heeft iemand in 2018 geen bovenwettelijke vakantiedagen opgenomen? Dan kan hij of zij deze vakantiedagen opnemen tot en met 31 december 2023.

Vakantiedagen niet kwijt bij ziekte

Wanneer een werknemer ziek is tijdens de vakantie, kan men dit bij jouw aangeven. Deze vakantiedagen is de werknemer dan niet kwijt, maar zullen worden omgezet in ziektedagen. Die vakantiedagen kunnen op een ander moment worden opgenomen.

Bij wettelijke vakantiedagen kan ook worden gesproken over wettelijk verlof of over wettelijke vakantie uren. Zo kan er bij bovenwettelijke vakantiedagen ook worden gesproken over bovenwettelijk verlof of over bovenwettelijke vakantie uren.