Collega’s die elkaar totaal niet begrijpen en veelbelovende ideeën die vastlopen door miscommunicatie of stroeve samenwerking: het klinkt al vermoeiend en frustrerend als je eraan denkt. Wetenschapper Jan van Rijswijk komt deze situaties regelmatig tegen in zijn werk als onderzoeker naar neurodiversiteit op de werkvloer. Neurodiversiteit betekent dat ieder brein net weer anders is en werkt. Het is geen teken van een tekort of beperking, maar gewoon anders.
Neurodivergent betekent dat iemands brein anders werkt dan dat van de meerderheid van de mensen. „Ik zie regelmatig dat deze mensen uitvallen op het werk en zelfs meerdere keren een burn-out krijgen.” Naast zijn werk als wetenschapper is Jan coo van mkb-bedrijf Relatics, dat zo’n zestig medewerkers heeft. „Ik wilde heel graag als leidinggevende begrijpen hoe ik ermee om moest gaan. Er bleek heel weinig onderzoek naar te zijn gedaan, dus dat ben ik zelf maar gaan doen.”
In De Ondernemer Persoonlijk praten ondernemers niet over de groei of omzet van hun bedrijf, maar geven ze een inkijkje in hun leven. In deze serie komen neurodivergente ondernemers aan het woord. Hoe is het om met ADHD, autisme, hoogbegaafdheid of dyslexie te ondernemen?
Lees de andere persoonlijke verhalen:
• Dankzij haar eigen ongemakken vond Eva (29) de ultieme vrijheid: ‘ADHD is gewoon een superpower’
• Dyslectische Rutger (37) haalde een 1 op de basisschool, nu runt hij meerdere beddenwinkels
Waarom ondernemerschap aantrekkelijk is
Zeker als niemand de link legt met neurodivergentie, kunnen stress en burn-outklachten steeds terugkeren. Daarom is ondernemerschap voor veel neurodivergente mensen geen romantisch ideaal, maar een uitweg. In loondienst botsen zij vaak op vaste procedures, hiërarchie en verwachtingen over hoe werk eruit hoort te zien. Jan: „Ze denken: als ik nu voor mezelf begin, dan hoef ik niet meer overal toestemming voor te vragen en kan ik mijn creativiteit of mijn analytisch vermogen gewoon de vrije loop laten.”
“Neurodivergenten zijn stevig vertegenwoordigd binnen de groep van ondernemers”
Jan van Rijswijk Onderzoeker neurodivergentie op de werkvloer
Exacte cijfers over het aantal neurodivergente ondernemers kan Jan niet geven, want die zijn er simpelweg nog niet. Toch ziet hij een duidelijk patroon. „We weten dat neurodivergenten sterk vertegenwoordigd zijn binnen de groep ondernemers. We zien met name ADHD heel vaak voorbijkomen. Hetzelfde geldt voor dyslexie en in iets mindere mate voor autisme, maar nog steeds binnen bepaalde sectoren.’’
Ondernemen voelt als een opluchting
De stap naar zelfstandigheid kan veel losmaken bij neurodivergente mensen. Ze kunnen ineens zelf hun omgeving, tempo en manier van werken bepalen. Voor sommigen wordt dan pas zichtbaar hoeveel energie hun eerdere werkende leven kostte. „Het kan dan echt als een grote opluchting voelen.’’
Lees ook: Arko van Brakel over ADHD, autisme of dyslexie als ondernemerskracht: ‘Het is ook gewoon een talent’
Toch is ondernemerschap voor veel van hen geen automatische oplossing voor de negatieve effecten van hun neurodivergentie. Zolang iemand alleen werkt, is er veel vrijheid. Maar zodra het bedrijf groeit en er personeel bijkomt, verandert de rol. De ondernemer moet leidinggeven, informatie overdragen, structuur aanbrengen en samenwerken met mensen die anders denken. „Ze ervaren dan vaak weer dezelfde problemen”, vertelt Jan.
Valkuil voor neurodivergente ondernemers
Daar zit volgens hem een belangrijke valkuil. Een neurodivergente ondernemer kan sterk zijn in creativiteit of het maken van analyses, maar moeite hebben met administratie, planning of gestructureerd werken. Dan is het zaak om niet harder te gaan compenseren, maar slimmer te organiseren. „Als dat bijvoorbeeld niet past bij jouw neurodivergente brein, dan zul je toch op zoek moeten naar mensen die dat voor jou kunnen invullen.’’
Dat vraagt zelfkennis, stelt Jan. Wie weet waar zijn kracht ligt, kan mensen aannemen die aanvullen in plaats van kopiëren. Juist dat maakt groei mogelijk.
Het helpt om open te zijn
Veel ondernemers praten niet makkelijk over ADHD, dyslexie of autisme. Ze willen geen stempel, zeker niet richting klanten, investeerders of medewerkers. Toch ziet Jan dat openheid binnen organisaties veel kan veranderen. Als één persoon zich uitspreekt, volgen anderen vaak.
Maar openheid heeft ook een schaduwkant. Zo deed Jan onderzoek naar vooroordelen en zag hij dat neurodivergente leidinggevenden soms al worden onderschat voordat ze iets hebben gedaan. „Uit een experiment dat ik heb gedaan, blijkt dat veel werknemers het niet zien zitten als hun leidinggevende neurodivergent is. Werknemers denken dat ze minder bekwaam zijn, nog voordat ze überhaupt leiding hebben gekregen van die persoon.”
Neurodiversiteit als ondernemersvoordeel
Volgens Jan zijn de vooroordelen over neurodiversiteit een erfenis van verouderde beelden over ADHD, dyslexie en autisme. Veel mensen weten niet hoe verschillend neurodivergente breinen kunnen werken. „Maar pas als ondernemers en werknemers die verschillen serieus nemen en begrijpen, ontstaat de winst Zolang mensen er niet over praten, ontstaat er geen vliegwieleffect. Dan gaan ook anderen die openheid niet voelen om erover te praten.”
Teams bestaan vaak uit mensen die op elkaar lijken, omdat dat prettig en snel werkt. Maar voor innovatie is dat niet altijd genoeg. Daarom pleit Jan niet voor diversiteit als modeterm, maar als praktische noodzaak. Bedrijven maken producten en diensten voor een samenleving vol verschillende breinen. Dan helpt het als die breinen ook aan tafel zitten.
Jan: „Als je op de langere termijn echt wat wilt bereiken als team, dan is het heel belangrijk dat je juist al die verschillende breinen aan tafel hebt.’’
Lees ook: Dankzij haar eigen ongemakken vond Eva (29) de ultieme vrijheid: ‘ADHD is gewoon een superpower’