Zzp

Eindelijk plek in de wet en einde aan schijnzelfstandigheid? Minister Aartsen: ‘Zzp’er is geen boeman’

Minister van Werk en Participatie Thierry Aartsen vanaf de Dag van de ZZP'er. Foto: eigen beeld
Minister van Werk en Participatie Thierry Aartsen vanaf de Dag van de ZZP'er. Foto: eigen beeld
Leestijd 4 minuten
Lees verder onder de advertentie

Na jaren van onrust rondom de Wet DBA, de Vbar en handhaving wil het kabinet een duidelijke koers varen. Volgens minister van Werk en Participatie Thierry Aartsen is het beeld dat zzp’ers een probleem vormen onterecht. „Ik zie zzp’ers niet als een probleem, als een boeman, als iets wat opgelost moet worden. Ik kijk positief tegen zzp’ers aan”, vertelt Aartsen tijdens de radiouitzending van De Ondernemer op de Dag van de ZZP’er, georganiseerd door ZZP Nederland.

Waar hij vorig jaar nog aanschoof bij de uitzending als Kamerlid van de VVD, zit hij er nu in een andere hoedanigheid. ,,Dat is heel anders, een heel grote verantwoordelijkheid. De stoere woorden die ik toen heb geroepen, mag ik nu zelf gaan waarmaken.”

Dat zzp’ers niet het probleem zijn, moet deze zomer breed worden uitgedragen. „We gaan voor de zomer beginnen met een nieuwe publiekscampagne. En die luidt: Zo kan zzp wel.” Daarmee wil het kabinet duidelijk maken dat samenwerken met zelfstandigen mogelijk blijft, mits volgens heldere spelregels.

Lees ook: Nieuwe zzp-wetgeving Thierry Aartsen nog verre van perfect: ‘Uitkijken dat keuzes niet tot nieuwe onduidelijkheden leiden’

Meer duidelijkheid rondom schijnzelfstandigheid

Die duidelijkheid ontbrak volgens Aartsen jarenlang. „Al twintig jaar hebben we in de politiek discussie over die spelregels. En het is mijn taak om ervoor te zorgen dat we dat eindelijk eens gaan normaliseren.” Bedrijven die uit voorzorg helemaal stopten met zzp’ers inhuren, vindt hij te voorzichtig. „Dat je zegt: we weten niet precies hoe de regels zijn, laten we dan maar categorisch niet meer met zzp’ers werken, dat vind ik echt voorbarig.”

Onder die 38 euro is het ingewikkeld om financieel uit te komen en ook nog te sparen voor arbeidsongeschiktheid

Thierry Aartsen Minister van Werk en Participatie

De kern van de nieuwe aanpak ligt in de zelfstandigenwet, die moet zorgen voor wettelijke erkenning van zzp’ers. „De wet kent op dit moment zzp’ers niet. Die bestaan niet volgens de wet. Dat gaan we hiermee mogelijk maken.” Tegelijkertijd komen er grenzen, onder meer via een minimumuurtarief van 38 euro. „Onder die 38 euro is het best ingewikkeld om financieel uit te komen en ook nog te sparen voor arbeidsongeschiktheid en voor een beetje pensioen.”

Onder dat tarief geldt straks een rechtsvermoeden van werknemerschap. „Dat betekent dat als je daaronder zit en je graag als werknemer wil werken omdat je een gedwongen zzp’er bent, je je daarop kunt beroepen.”

Lees ook: Zzp’er moet zich verzekeren: verplichte AOV kost straks 171 euro per maand

Lees verder onder de advertentie

‘Iedereen kan van een trap af vallen’

Vrijheid om te ondernemen betekent volgens Aartsen ook verantwoordelijkheid nemen. Dat verklaart de komst van een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. „Je krijgt de ruimte en de vrijheid om als zelfstandige te werken, maar dan moet je ook je eigen broek ophouden.”

De verplichte AOV wordt vormgegeven als een publieke basisverzekering, met ruimte voor uitzonderingen. „Als je een private verzekering hebt, op een andere manier georganiseerd, ook dan hoef je niet mee te doen aan deze publieke basisverzekering.” Ook ondernemers met een bv vallen erbuiten.

Iedereen kan van een trap af vallen en dan is het verstandig dat je iets hebt geregeld

Thierry Aartsen Minister van Werk en Participatie

De verzekering is nadrukkelijk bedoeld als vangnet. „Het is ook echt een vangnet, een basisvoorziening.” De maximale premie bedraagt 171 euro per maand. „Ik vind dat het relatief betaalbaar is. En het eerlijke verhaal: daar krijg je ook niet heel veel voor terug.”

Na een wachttijd van twee jaar volgt een uitkering tot het wettelijk minimumloon. „Dat is zeker geen vetpot. Het is ook niet daarvoor bedoeld.” Toch vindt Aartsen het noodzakelijk. „Het noodlot kan iedereen overkomen. Iedereen kan van een trap af vallen en dan is het verstandig dat je iets hebt geregeld.”

Pensioen: geen verplichting, wel verantwoordelijkheid

Waar de AOV verplicht wordt, kiest het kabinet bij pensioenen bewust voor terughoudendheid. „Je moet hier ook heel voorzichtig zijn met wat je oplegt.” Wel vindt Aartsen dat zelfstandigen iets moeten regelen voor later. „Je wil niet dat mensen, als ze uiteindelijk in de AOW zitten, dan hun inkomensklap krijgen.”

In de zelfstandigenwet is daarom vastgelegd dat zzp’ers een voorziening moeten hebben, zonder voor te schrijven hoe. „Dat kan zijn: pensioensparen. Dat kan op andere manieren zijn: toegang tot een pensioenfonds, een beleggingsfonds of een pandje.”

Volgens Aartsen hoort dat ook bij ondernemerschap. „Je krijgt de vrijheid aan de ene kant, maar je moet ook de verantwoordelijkheid nemen dat je later niet naar de overheid gaat kijken om je handje op te houden.” Verplichte deelname aan één specifieke regeling ziet hij niet zitten. „Je moet echt oppassen dat je precies gaat voorschrijven voor zzp’ers wat ze dan moeten gaan doen.”

Lees verder onder de advertentie

Zzp als volwaardige keus naast loondienst

Het uiteindelijke doel van de stappen die Aartsen wil zetten, is rust en normalisering. „Ik hoop dat we over tien jaar geen zzp-discussie meer hebben.”

Zzp moet volgens Aartsen een volwaardige keuze zijn naast loondienst. „Sommige mensen zullen zeggen: ik wil een vast contract. Sommige mensen zullen zeggen: ik wil zzp’er zijn. Dan is het aan de politiek om te zeggen oké, prima, dit zijn de spelregels en als die duidelijk zijn, kan iedereen dat spel spelen.”

Lees ook: Van Wet VBAR naar Zelfstandigenwet: komt er meer duidelijkheid of is er juist minder ruimte voor zzp-inhuur?

Delen: