Zelfstandigenwet moet mkb duidelijkheid geven, maar roept vooral praktische vragen op
Mkb'ers die zzp'ers inhuren, krijgen met de Zelfstandigenwet mogelijk niet de duidelijkheid waarop ze hopen. De internetconsultatie over het wetsvoorstel leverde bijna 1.200 grotendeels kritische reacties op. Werkgeversorganisaties en belangenbehartigers steunen het doel van de wet, maar waarschuwen dat de strenge voorwaarden in de praktijk moeilijk uitvoerbaar zijn.
De Zelfstandigenwet van minister Thierry Aartsen (VVD, Werk en Participatie) moet een einde maken aan de onduidelijkheid over de inzet van zelfstandigen. Wie door de twee toetsen van de wet komt - de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets - valt in een ‘veilige haven’: vooraf zekerheid dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst.
Echte ondernemers moeten zo vooraf weten waar ze aan toe zijn, net als de bedrijven die hen inhuren. Maar juist over de praktische uitvoerbaarheid van de wet hebben belangen- en ondernemersorganisaties stevige vragen. De kloof tussen de ambitie van het minderheidskabinet en de dagelijkse praktijk van het mkb blijkt aanzienlijk.
“Struikelblok vormt de eis van minimaal drie opdrachtgevers in twee jaar”
Duidelijkere wettelijke positie zelfstandigen
Dat blijkt uit de reacties van de Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) en de gezamenlijke reactie van VNO-NCW, MKB-Nederland, AWVN en LTO-Nederland op de internetconsultatie, die eind oktober afliep.
De organisaties staan in principe positief tegenover het doel van de wet: zelfstandig ondernemerschap een duidelijkere wettelijke positie geven en opdrachtgevers meer zekerheid bieden. Maar de voorgestelde voorwaarden kunnen volgens hen juist veel zelfstandigen en bedrijven in de problemen brengen.
Lees ook: Ondernemers zien nog veel knelpunten in de Zelfstandigenwet
In twee jaar minimaal drie verschillende opdrachtgevers
Een belangrijk struikelblok is de eis dat een zelfstandige in twee jaar minimaal drie verschillende opdrachtgevers moet hebben. VZN vindt dat dit geen harde voorwaarde mag zijn. Veel zelfstandigen werken langere tijd voor één of twee opdrachtgevers, zonder dat daarmee automatisch sprake is van schijnzelfstandigheid.
“Wie aan vijf van de zeven voorwaarden voldoet, moet ook toegang tot de veilige haven krijgen”
De koepel, die volgens eigen zeggen zo'n 140.000 zelfstandigen vertegenwoordigt, pleit er daarom voor om de eis te verruimen: wie aan vijf van de zeven voorwaarden voldoet, moet ook toegang tot de veilige haven krijgen.
De wet kent zeven voorwaarden: drie in de zelfstandigentoets en vier in de werkrelatietoets. ‘Blijft het toch een voorwaarde, tel dan over een periode van drie jaar of langer, toets bij de start van de opdracht en geef starters een inloopperiode.’
Het mkb werkt regelmatig met gespecialiseerde zzp’ers
Ook de gebundelde werkgeversorganisaties pleiten voor meer ruimte. Zij noemen bijvoorbeeld een eis van twee opdrachtgevers en willen rekening houden met sectoren waarin langdurige opdrachten gebruikelijk zijn.
Voor het mkb is dat geen theoretische discussie.
Kleine bedrijven schakelen regelmatig gespecialiseerde zelfstandigen in voor projecten of tijdelijke capaciteit. Denk aan een ict-specialist die een systeem implementeert, een interim-manager die een bedrijf door een verandering loodst of een technisch specialist die langere tijd aan één opdracht werkt. Als het aantal opdrachtgevers doorslaggevend wordt, dreigen opdrachtgevers uit voorzorg alleen nog zzp’ers in te huren die binnen de veilige haven vallen - met als gevolg dat vakmensen met langlopende opdrachten buiten de boot vallen.
Factuurvorm zegt niets over het ondernemerschap
Ook de manier waarop zelfstandigen hun werk factureren, leidt tot kritiek. De wet geeft volgens VZN te weinig ruimte aan ondernemers die per uur of per dag rekenen. Dat gebeurt juist in sectoren als advies, ict en interim-management. De factuurvorm zegt volgens de organisatie op zichzelf onvoldoende over het ondernemerschap of het risico dat iemand loopt.
“Belangrijk voor mkb’ers: wie niet aan alle criteria voldoet, is daarmee nog niet automatisch werknemer”
Daarnaast vragen beide reacties aandacht voor startende ondernemers. Die hebben niet altijd direct meerdere opdrachtgevers of voldoende financiële reserves. Zonder overgangsregeling dreigt de veilige haven die de wet moet bieden voor deze groep moeilijk bereikbaar te zijn.
Duidelijkheid blijft cruciaal
De organisaties willen daarom onder meer soepelere criteria, ruimte voor sectorverschillen en meer zekerheid vooraf voor opdrachtgevers. Ook moet duidelijk zijn dat een zelfstandige die aan de voorwaarden voldoet, niet achteraf alsnog zijn status verliest.
Belangrijk voor mkb’ers: wie niet aan alle criteria voldoet, is daarmee nog niet automatisch werknemer. De bestaande juridische toets blijft gelden. Maar de praktijk leert dat opdrachtgevers zekerheid zoeken - en dus mogelijk alleen nog binnen de veilige haven inhuren.
Huidige uitwerking kan volgens VZN en MKB-Nederland beter
De boodschap aan het kabinet is daarmee tweeledig: de ambitie om zelfstandigen en opdrachtgevers duidelijkheid te geven wordt gesteund, maar de huidige uitwerking sluit volgens de organisaties nog onvoldoende aan op de praktijk.
Aartsen heeft inmiddels toegezegd het voorstel aan te passen als de weerstand te groot is. Ondanks de hoeveelheid reacties wil hij het wetvoorstel dit jaar nog bij de Raad van State zien te krijgen. Voor het mkb staat er onderwijl veel op het spel: de wet moet onzekerheid wegnemen, geen nieuwe drempel opwerpen om zelfstandigen in te huren.
'Veilige haven' dekt de lading niet, zeggen UvA-juristen
De consultatiereactie van de Universiteit van Amsterdam is kritisch over het wetsvoorstel. De auteurs - Niels van der Neut, Evert Verhulp en Nuna Zekić - erkennen het streven naar meer duidelijkheid voor zelfstandigen, maar betogen dat de voorgestelde 'veilige haven' dit doel onvoldoende bereikt.
Veel criteria zijn volgens hen open normen die nieuwe interpretatievragen oproepen. Bovendien kan de wet de grens tussen werknemer en zelfstandige feitelijk verschuiven ten gunste van zelfstandig ondernemerschap, ondanks de claim dat dit niet de bedoeling is.
Ook signaleren zij spanning met Europees recht, risico's voor solidariteit en sociale zekerheid, en mogelijke aantasting van de ordenende functie van de arbeidsovereenkomst op de arbeidsmarkt.
Lees ook: Meerderheid zzp’ers keert zich tegen nieuwe Zelfstandigenwet van Aartsen