Laatst sprak ik een advocaat uit Nijmegen, die daarnaast parttime buschauffeur is. Hij vertelde dat hij op zo’n hoog niveau werkt, dat hij het heerlijk vond om daarnaast als buschauffeur zijn hoofd leeg te maken en in een andere setting te werken. Een bijzondere combinatie, maar eigenlijk kijk ik hier allang niet meer van op. Binnen EKI, ons familiebedrijf, hebben inmiddels aardig wat werknemers verschillende banen.
Neem Tijn, onze creatief marketeer. Het ene moment werkt hij aan de positionering en contentstrategie voor onze rubber- en foamonderneming, het andere moment werkt hij aan de eventprogrammering van onze creatieve speeltuin Papierfabriek Nijmegen. Verder werkt hij in loondienst bij de Stichting Zevenheuvelenloop en is hij ook nog onder andere actief als freelance dj en festival-organisator (Stadseiland Stek).
Zo zijn er meer medewerkers met zogenoemde side hustles, ofwel extra banen, bij ons in dienst. In alle lagen van onze organisatie, van de duurzaamheidsmanager en e-commercemanager tot aan de creatief marketeer. En wij zijn zeker niet de enigen die hebben kennisgemaakt met combinatiefuncties. Uit CBS-onderzoek blijkt dat in 2024 maar liefst 844.000 mensen een tweede werkplek hadden naast hun hoofdbaan. Dat is 8,6 procent van alle werkenden. Ook valt uit deze cijfers op dat de combinatie van een vaste functie en freelancewerk de afgelopen jaren in opkomst is.
Millennials en gen Z als belangrijkste aanjagers
Dit fascinerende fenomeen is onderdeel van de groeiende gig economie, dat drijft op flexibel werken in verschillende verschijningsvormen. Met millennials en jeugdige gen Z-hipsters als belangrijkste aanjagers. Deze doelgroepen zitten doorgaans niet te wachten op een saaie negen-tot-vijf-baan met elke week weer dezelfde voorspelbare routines. Nee, ze willen vooral vrij zijn in waar en hoe ze werken. Zoekend naar variatie, triggers en nieuwe uitdagingen en mogelijkheden.
Niet voor niets noemt ruim een kwart van de gen Z-ers flexibele werktijden als reden om van baan te wisselen, schrijft Deloitte in een rapport. Daar bovenop wil - interessant voor het bedrijfsleven - vijftig procent van deze generatie zelfs meer werken, als dit flexibel kan. En dat laatste is een hele belangrijke factor. Onder alle werkenden is dit 36 procent, ook niet mals. Deze enorme aantallen zeggen op zichzelf eigenlijk al genoeg over het belang van deze trend. Want, zo blijkt uit eigen ervaring, ook oudere generaties volgen regelmatig het voorbeeld van jongere collega’s. Als vanzelfsprekend raken zij geïnspireerd door de kansen en perspectieven die gecombineerd en flexibel werk bieden.
Durf te delen
Dus lijken we hier bij EKI onderhand een soort Second Love-bedrijf, zoveel werknemers gaan in professionele zin ‘vreemd’. En het mooie is: het kan gewoon! Zelfs in een familiebedrijf dat een paar jaar geleden nog vrij traditioneel was, gaat dit ongelofelijk goed. In mijn ogen is vrijheid essentieel, in privérelaties, maar ook op het werk. Het geven van vertrouwen verhoogt sowieso in beide gevallen de slagingskansen. Met uiteraard de nodige afspraken om alles in goede banen te leiden. Ik zie het zo vaak om me heen: krampachtige werkgevers die hun mensen fulltime voor zichzelf claimen, terwijl werknemers benaderd worden voor banen die misschien prima te combineren zijn.
Stop met jaloers doen, uit angst te ondernemen en durf te delen. Kijkend naar de groeicijfers kan meer flexibiliteit in werkplekken nog weleens veel potentie en kansen bieden voor de hele sector, inclusief de meest traditionele spelers. Voor die ondernemingen is meegaan met dit soort ontwikkelingen op een gegeven moment noodzaak. Hoe vaak ik wel niet om me heen hoor dat collega-productiebedrijven te maken hebben met personeelstekorten en dat het aantrekken van nieuwe medewerkers ook niet vanzelf gaat. Dan kan het helpen om verder te kijken dan je gewend bent en mee te bewegen met dit soort kansen, ondanks dat ze misschien spannend lijken in het begin.
Lees ook: Waarom Upfront en Stëlz gen Z’ers wél elke dag naar kantoor krijgen: ‘Radicale transparantie werkt’
Geen personeelsproblemen
Toegegeven: meegaan in deze innovatieve ontwikkeling vraagt een andere mindset en moderne bedrijfscultuur. Met een meer empathische blik naar je medewerkers kijken is hierbij een geweldige voorwaarde. Sinds onze rebranding van de Europese Kunststof Industrie naar Empathie, Kennis en Innovatie is dit een van onze belangrijkste pijlers. Dit betekent dat we luisteren naar onze werknemers, wat mij betreft is dit belangrijker dan ooit.
‘Wie is deze persoon, wat heeft hij of zij nodig en waar ligt diens behoefte’, vragen we ons regelmatig af. Simpele maar essentiële vragen, die de sleutel tot succes blijken, hebben wij de laatste drie jaar ondervonden. Die tijd en energie die we in ons team steken, betaalt zich terug. Aandacht, ruimte en vertrouwen voor het individu zorgen voor gekende, gemotiveerde, energieke en betrokken medewerkers die tot het uiterste gaan en tegelijkertijd aan hun persoonlijke groei kunnen werken.
Het oeroude wederkerigheidsprincipe van Cialdini in full effect: als je iets geeft - vertrouwen, ruimte, vrijheid - dan krijg je dat terug. Soms zelfs meer dan je hebt gegeven. We kennen dan ook geen worstelingen met personeelsproblemen. Sterker, we krijgen juist vaak open sollicitaties van mensen die dolgraag bij ons willen werken. Het recept daarachter? Dat is dus helemaal niet zo ingewikkeld.
Stimuleren van ondernemerschap
Als ik van medewerkers hoor dat ze ook elders aan de slag willen gaan: mijn zegen hebben ze. Ik stimuleer deze ondernemende mindset van harte en stel het zelf gerust ook voor aan teamleden als ik denk dat een extra baan elders ze ten goede komt. Mijn team en ik helpen vaak genoeg bij de opstart van eigen bedrijven. We helpen met de website of verzorgen de eerste leads.
Dit alles zonder angst dat ze helemaal vertrekken, maar juist met de gedachte dat het ons als bedrijf ook veel kan brengen. Ik zie het als een win-win situatie. Zij gaan ondernemen, doen van andere kanten inspiratie en ervaring op en kunnen dit vervolgens inzetten voor ons. Natuurlijk loop je alsnog het risico dat werknemers besluiten helemaal te vertrekken. Zoals Gor, onze beste productiemedewerker, die voor zichzelf begon. Een drama, maar we kregen een paar maanden later uiteindelijk het mooiste compliment: hij wilde terugkeren omdat hij ons toch wel miste en zich realiseerde hoe goed hij het had. Een betere ambassadeur dan hem kunnen we ons niet wensen.
Lees ook: Je werknemer heeft angst om maandag te werken: ‘Het is een signaal van slechte werkcultuur’