InnovatieDuurzaamheid

Dit familiebedrijf maakt al 33 jaar duurzame bedden, nu levert het zijn B Corp-keurmerk in: ‘Is een ambtelijke muur’

Van links naar rechts: vader Arend, dochter Cynthia en moeder Marjolein Vaders van Bedaffair.
Van links naar rechts: vader Arend, dochter Cynthia en moeder Marjolein Vaders van Bedaffair.Eigen foto
Leestijd 8 minuten
Lees verder onder de advertentie

Het familiebedrijf Bedaffair is niet de eerste. In 2025 besloot de duurzame reisorganisatie Better Places al af te zien van het vernieuwen van haar B Corp-certificaat. Directeur Saskia Griep destijds: „Een van onze grootste zorgen is dat bedrijven onvoldoende transparant hoeven te zijn over waar ze precies punten op scoren.’’

Zo kan een bedrijf hoog scoren op werkomstandigheden, maar weinig doen aan CO2-reductie of duurzame inkoop. Volgens Griep zou het beter zijn als B Corps een winstbeperking opgelegd zouden krijgen: „Als je zo graag bekend wil staan als een bedrijf dat maatschappelijk verantwoord onderneemt, dan mag de winst voor je aandeelhouders niet op één staan.”

Vastgelopen op bestuurlijke willekeur

Marjolein Vaders, mede-oprichter en ceo van Bedaffair, had al eerder twijfels over het lidmaatschap van B Corp. „Tijdens ons hercertificeringstraject liepen we structureel vast in bestuurlijke willekeur. Wij hadden het Environment Impact Model geselecteerd op basis van onze circulaire producten, een keuzemogelijkheid die letterlijk zo in hun systeem stond. De analist wees dit echter af omdat het opeens uitsluitend over ‘het productieproces’ moest gaan. Ook stelde zij ten onrechte dat wij geen Environmental Management System (EMS) of benchmarks hadden, terwijl we het beleid wel degelijk hadden aangevinkt én documentatie met benchmarkvergelijkingen hadden ingeleverd.’’

Het was een wedstrijd waarvan de spelregels tijdens het spelen werden veranderd

Marjolein Vaders Bedaffair

De fundamentele mismatch is volgens Vaders dat B Corp een theoretisch, industrieel EMS eist dat bedoeld is voor vervuilende fabrieken. „Terwijl wij in onze ambachtelijke werkplaats zónder zware machines, zónder industrieel proceswater en met nihil restafval werken. We werden aanvankelijk afgestraft op ons gekozen impactmodel omdat, tijdens onze hercertificering, de naderende, nieuwe standaarden werden gebruikt, terwijl onze instaptoets nog gebaseerd was op het ‘oude’ systeem dat in de software stond.’’

Vaders: „Deze nieuwe criteria werden vooraf niet duidelijk met ons gecommuniceerd en ons werd niet de kans geboden om documenten aan te passen naar de vereiste formuleringen. Toen de analisten als alternatief het Toxin Reduction Model (een innovatieve benadering om giftige stoffen en schadelijke chemische emissies bij de productie of in het product zelf proactief te meten, minimaliseren en compenseren, red.) inbrachten, waar we ook punten voor kregen, bleek de hele procedure al dichtgetimmerd door onzichtbare peer reviewers. Het was een wedstrijd waarvan de spelregels tijdens het spelen werden veranderd.”

Lees ook:
Van ‘stoffige vitrage’ naar Europa’s eerste B Corp-gordijnenfabriek: hoe Johanna (62) de markt opschudt

Lees verder onder de advertentie

Onder protest getekend

Vaders: „Tot overmaat van ramp kregen we te horen dat het onterechte vonnis intern ‘al zo goed als vaststond’ omdat het was afgevinkt door onzichtbare ‘peer reviewers’. Tegelijkertijd werd pijnlijk duidelijk dat we in dit traject, dat totaal niet met ons is gecommuniceerd, al deels werden afgerekend op hun naderende V2.1/ECGT-standaarden (zie kader). Ons complete impactmodel, het circulaire hart van ons bedrijf, werd door deze ondoorzichtige ambtelijke muur simpelweg weggestreept. We hebben die hercertificering in januari dan ook formeel ‘onder protest’ getekend.”

B Corp-standaarden op de schop

De vernieuwde B Corp-standaarden (V2.0/V2.1) zijn strenger en sluiten naadloos aan bij de Europese ECGT-richtlijn (Empowering Consumers for the Green Transition). Waar bedrijven vroeger konden compenseren, vereisen de nieuwe regels concrete minimumprestaties op alle impactgebieden, wat volgens B Corp zorgt voor maximale geloofwaardigheid.

Voor Marjolein Vaders en haar man Arend was het niet moeilijk om de knoop door te hakken. „Uiteindelijk was het een puur rationele beslissing. Wij zijn een microbedrijf. Elke minuut die wij besteden aan het vullen van spreadsheets of het reageren op onnodige bureaucratie, gaat ten koste van onze core business: het maken van écht circulaire bedden. In januari rondden we pas na een escalatie over onnavolgbare beoordelingen onze hercertificering af. Enkele maanden later kregen we plotseling de absurde eis om voor 15 juli wéér een compleet nieuw assessment te doen - vanwege nieuwe Europese regelgeving - of een juridisch amendement te tekenen. Voor een microbedrijf is een nieuw assessment binnen een maand fysiek onmogelijk. Duurzaamheid is voor ons tastbare impact, geen administratieve bezigheidstherapie. De knoop was dus snel doorgehakt.”

Lees ook:
Hoe 6 impactmerken met amper budget en veel enthousiasme een slimme marketingactie op touw zetten

Beweging van gelijkgestemde pioniers

In de beginjaren was B Corp volgens Vaders een beweging van gelijkgestemde pioniers, gericht op 'better business'. Er was toen volgens haar ruimte voor de realiteit van de ondernemer. „Maar naarmate de organisatie is gegroeid, is het verworden tot een log, ambtelijk instituut dat haar eigen waarderingsstelsel structureel verwatert’’, meent de ceo. „Wij zagen de regels gaandeweg veranderen, niet vanuit een aangescherpte visie op duurzaamheid, maar simpelweg om de deuren te kunnen openen voor grote, conventionele bedrijven.’’

Lees verder onder de advertentie

Van een objectieve, inhoudelijke toetsing is al lang geen sprake meer

Marjolein Vaders Bedaffair

„Het systeem is inmiddels zo ingericht dat een multinational gecertificeerd kan worden puur omdat er zonnepanelen op het dak liggen of het HR-beleid netjes op papier staat. Dat hun fysieke eindproduct ondertussen toxisch is, het milieu aantast en na de levensduur eindigt als desastreus restafval, wordt door de vingers gezien. Grote bedrijven worden beloond voor papieren symptoombestrijding, terwijl intrinsiek circulaire koplopers zoals Bedaffair worden afgestraft op het ontbreken van niet-relevante industriële vinkjes. Van een objectieve, inhoudelijke toetsing is al lang geen sprake meer.’’

Arend Vaders aan het werk in het atelier van Bedaffair. Eigen foto
Arend Vaders aan het werk in het atelier van Bedaffair.Eigen foto

Eigenaars Bedaffair blijven er nuchter onder

Ondanks het loslaten van het B Corp-certificaat blijft het ondernemende echtpaar er uiterst nuchter onder. „In de afgelopen 33 jaar als impactondernemers hebben we ontzettend veel duurzaamheidstrends, marketingclaims en keurmerken zien komen en gaan. De belangrijkste conclusie die wij hieruit trekken, is dat de realiteit van ons ambacht simpelweg niet in hun theorie te vangen is. Alles wat wij doen – het lokaal werken zónder plastic, zónder lijm, zónder PFAS en zónder synthetische schuimen – is feitelijk eeuwen oud. Onze werkwijze stamt uit het tijdperk van vóór de komst van synthetisch schuim in 1937, toen meubels nog puur vakmanschap en volledig natuurlijk waren. Tegelijkertijd is deze pure werkwijze in de huidige vervuilende markt zó zeldzaam en vernieuwend, dat het buiten elke spreadsheet valt. Moderne keurmerken zijn gebouwd om (petro)chemische massaproductie een beetje in te dammen; zodra je écht compromisloos en puur werkt, pas je in geen enkel hokje.’’

Toch ziet Marjolein Vaders zeker ook positieve effecten van het certificaat. „Het netwerk heeft ons in de beginfase zeker in contact gebracht met inspirerende mede-ondernemers. Daar zijn we B Corp erkentelijk voor. Maar commercieel of qua erkenning leunen wij niet op een logo. De titel ‘Beste Duurzame Merk 2022’ wonnen we dankzij de kwaliteit en circulariteit van onze matrassen. De waardering van onze klanten en de steun van invloedrijke experts in de circulaire economie hebben wij op eigen kracht, met onze ambachtelijke innovaties, verdiend.’’

Lees ook:
500.000 euro boete voor greenwashing: ‘Wat maakt communiceren over groene producten zo lastig?’

Verborgen (micro)plastics en PFAS

Is er een kans dat Bedaffair bij beterschap bij B Corp ooit opnieuw aansluit bij het keurmerk? Vaders: „Nee, die kans is uitgesloten. Deze stap markeert voor ons een fundamentele verschuiving: wij geloven niet meer in papieren duurzaamheid of logge certificeringssystemen die de werkelijkheid proberen te vangen in theoretische kaders. Wij investeren onze tijd en licentiekosten liever direct in onze materialen, kwaliteit en transparantie. We hebben de validatie van een commercieel keurmerk niet meer nodig.’’

Lees verder onder de advertentie

We halen nu een extern logo van de website, maar we blijven keihard communiceren over de realiteit

Marjolein Vaders Bedaffair

„Onze communicatie wordt eigenlijk alleen maar krachtiger, omdat we volledig teruggaan naar onze eigen kern. Wij zijn inmiddels een van de oudste, intrinsiek duurzame bedrijven in Nederland. Toen wij in 1993 als pioniers startten met matrassen van natuurlijke materialen, bestond zoiets nog niet op de markt. Klanten vroegen destijds: ‘Wat is er dan mis met een gewoon matras?’ Er was totaal geen bewustzijn over de materialen waarop men sliep. Inmiddels ervaren we een enorm vliegwieleffect. Consumenten zijn zich nu wél massaal bewust van de schadelijke stoffen, (micro)plastics en PFAS die verborgen zitten in gangbare matrassen en boxsprings.’’

Lees ook:
Multinationals met een B Corp-duurzaamheidslabel: ‘Het voelt als greenwashing’

De toekomst van Bedaffair zonder B Corp?

„We halen nu een extern logo van de website, maar we blijven keihard communiceren over de realiteit. Wij lossen greenwashing niet op met papieren claims, maar met tastbare transparantie. In onze openbare etalage-werkplaats kunnen klanten letterlijk naar binnen lopen, de zuivere materialen voelen en met eigen ogen zien hoe hun matras vrij van schadelijke stoffen en lijmen wordt gemaakt. We nodigen ze zelfs actief uit om een onderdeel van hun eigen matras, onder begeleiding, te maken. Dát is de allerbeste manier van communiceren: niets verbergen, maar simpelweg de deuren openzetten.”

Doordat de ondernemers naar eigen zeggen geen honderden uren meer kwijt zijn aan ambtelijke lasten en compliance-eisen, komt er enorm veel tijd en energie vrij voor échte innovatie. „Een direct resultaat daarvan is ons nieuwe ‘etalage-atelier’, waar we onze ambachtelijke werkplaats letterlijk in de etalage hebben geplaatst. Waar grote bedrijven hun duurzaamheid verstoppen in ondoorzichtige rapportages, maken wij de keuze om ons ambacht vol in het zicht van de straat te zetten’’, zegt Vaders.

„Daarnaast gebruiken we deze vrijgekomen focus om opnieuw te pionieren, dit keer buiten de slaapkamer. We hebben onze collectie recent uitgebreid met zitbanken en modulaire banken van puur natuurlijke materialen. Onze nieuwe collectie zitbanken en meubelstoffen bewijst dat het anders kan: de banken zijn volledig opgebouwd uit natuurlijke materialen en de meubelstoffen van gerecycled katoen en gerecyclede wol zijn REACH-gecertificeerd (Europese verordening die de gezondheid van mens en milieu beschermt, red.) en gegarandeerd PFAS-vrij.’’

Lees verder onder de advertentie

Delen: