Arbeidsrechtadvocaat Joost van Ladesteijn van Vertex Legal had na jaren van discussie over schijnzelfstandigheid meer verwacht dan een ingekorte versie van de bestaande regels. ,,Als je dit na tweeënhalf jaar en met al die verwachtingen oplevert, is dat wel een beetje onthutsend’’, zegt hij. ,,Als je het document bekijkt, is 99 procent hetzelfde. Alleen het Uber-arrest is toegevoegd, omdat ze wisten dat ze daar iets mee moesten. Maar ook dat is niet strak opgeschreven. Hier is niemand iets mee opgeschoten. De praktijk is al veel verder dan dit toetsingskader.”
Ook Niels van der Neut, universitair docent arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, noemt het geen verbetering. Hij ziet een vereenvoudigde en volgens hem op onderdelen ongenuanceerde weergave van de juridische werkelijkheid. ,,Er staat bijvoorbeeld in dat ieder Deliveroo-gezichtspunt meetelt. Dat is te kort door de bocht. Die gezichtspunten kúnnen van belang zijn, maar een rechter hoeft ze niet in iedere zaak allemaal te behandelen. Bovendien kunnen andere omstandigheden een grotere rol spelen.”
“Als je dit na tweeënhalf jaar en met al die verwachtingen oplevert, is dat wel een beetje onthutsend”
Joost van Ladesteijn Arbeidsrechtadvocaat
Geen afvinklijstje
De negen algemene gezichtspunten zijn volgens Van der Neut brede categorieën waaronder minstens tientallen specifieke omstandigheden vallen. Hij vergelijkt ze met kapstokken waaraan verschillende jassen worden gehangen. ,,Je kunt niet zeggen: ik heb veertig zomerjassen die wijzen op zelfstandigheid en tien winterjassen die wijzen op werknemerschap, dus de zzp-kant wint. Die winterjassen kunnen veel zwaarder wegen. Wordt iemand iedere dag aangestuurd en gecontroleerd, dan kan dat belangrijker zijn dan een lange reeks kleine kenmerken die op ondernemerschap wijzen. Je moet niet tellen, maar wegen.”
Arbeidsrechtjurist en De Ondernemer-expert Bastiaan van Rossum onderschrijft dat de negen punten niet mechanisch kunnen worden afgevinkt, maar ziet in die open beoordeling ook een voordeel. Strakke regels kunnen opdrachten onmogelijk maken die volgens hem juist goed door een zelfstandige kunnen worden uitgevoerd. ,,Een verpleegkundige moet voor diens werk nu eenmaal in het ziekenhuis zijn. Dat zegt minder dan wanneer een jurist zonder goede reden iedere dag verplicht op het kantoor van de opdrachtgever moet zitten. De betekenis van een omstandigheid hangt af van het werk dat iemand uitvoert. Je moet nog steeds naar het hele plaatje kijken.”
Lees ook: Zelfstandigen willen af van angst voor zzp-boetes: ‘Zonder zekerheid is een zelfstandige helemaal niets’
Opdrachtgevers haken af
Probleem is dat de meeste opdrachtgevers weinig trek hebben in zo’n uitgebreide beoordeling, denkt voorzitter Frank Alfrink van Vereniging ZZP Nederland. ,,Hier gaan we de oorlog niet mee winnen”, zegt hij dan ook over het ‘nieuwe’ toetsingskader. ,,Dit is dezelfde manier van toetsen waar de markt nu al zenuwachtig van wordt, alleen gecomprimeerd onder elkaar gezet. Als je hetzelfde blijft doen, krijg je wat je al kreeg. Opdrachtgevers denken: ik moet elke opdracht en elke zzp’er apart onderzoeken, dat kost me tijd en ik blijf risico lopen. Dan zeggen ze op een gegeven moment: laat maar zitten. Daar worden zelfstandigen direct de dupe van.’’
“Dit is dezelfde manier van toetsen waar de markt nu al zenuwachtig van wordt, alleen gecomprimeerd onder elkaar gezet”
Frank Alfrink Voorzitter Vereniging ZZP Nederland
Waar Alfrink de overheid verantwoordelijk houdt voor de verlammende onzekerheid, legt arbeidsrechtadvocaat Joost van Ladesteijn een deel van de verantwoordelijkheid bij opdrachtgevers zelf. Veel opdrachtgevers blijven volgens hem wachten op een eenvoudige toets die honderd procent zekerheid geeft, terwijl zo'n garantie in het recht bijna nooit bestaat. ,,Iedereen duikt weg van die holistische toets, omdat het een moeilijk begrip is. Maar je moet er juist induiken. Degene die de onderneming en de dagelijkse praktijk het beste kent, is de ondernemer zelf. Die moet niet blijven hopen dat Den Haag straks met een lijstje komt waarop je alleen een paar vinkjes hoeft te zetten.”
Loop de dagelijkse praktijk na
Van Ladesteijn adviseert ondernemers om een gewone werkdag van een zzp’er stap voor stap door te nemen. ,,Hoe komt iemand het gebouw binnen? Heeft diegene dezelfde toegangspas als het personeel? Wie bepaalt hoe laat het werk begint? Is er werkelijk over het tarief onderhandeld? Wie betaalt de telefoon, de auto, kleding, vaccinaties of gereedschap? Als een zzp’er zelf kosten maakt, risico loopt en zichtbaar anders werkt dan een werknemer, moet je dat vastleggen. Uiteindelijk gaat het erom hoe de samenwerking in de praktijk is ingericht.’’
Van Rossum sluit zich bij die praktische aanpak aan en beschouwt de beoordeling vooral als risicobeheersing. Honderd procent zekerheid vooraf bestaat niet, maar een opdrachtgever kan de kans op problemen volgens hem wel sterk verkleinen. ,,Ik hoor ondernemers vaak zeggen: het is onduidelijk, dus we kunnen niets doen. Dat klopt niet. Laat de samenwerking beoordelen, pas de afspraken aan en controleer of het contract aansluit op wat er dagelijks gebeurt.’’
“Honderd procent zekerheid vooraf bestaat niet, maar een opdrachtgever kan de kans op problemen wel sterk verkleinen”
Bastiaan van Rossum Arbeidsrechtjurist en De Ondernemer-expert
Laat als zzp’er ondernemerschap zien
Van Rossum wijst erop dat het Uber-arrest bevestigt dat ondernemerschap buiten de opdracht mag meewegen. Daardoor kunnen twee mensen hetzelfde werk voor dezelfde opdrachtgever doen en toch juridisch anders worden beoordeeld. ,,De een kan zich veel sterker als ondernemer gedragen dan de ander. Denk aan andere opdrachtgevers, eigen acquisitie, investeringen en de manier waarop iemand zich in de markt presenteert.’’
Alfrink wil dat de wetgever een volgende stap zet en meer naar de persoon kijkt en minder naar iedere losse klus. ,,Heeft iemand meerdere klanten, doet diegene acquisitie, probeert die winst te maken, is die zichtbaar in de markt en regelt die zelf aansprakelijkheid en arbeidsongeschiktheid? Loopt iemand werkelijk ondernemersrisico? Als een zelfstandige aan duidelijke ondernemerscriteria voldoet, moet een opdrachtgever dat vooraf kunnen controleren. Dan weet de zzp'er ook: dit heb ik op orde en dit ontbreekt nog. Nu begint bij iedere nieuwe opdracht dezelfde discussie opnieuw.”
Brengt de Zelfstandigenwet wel duidelijkheid?
Joost van Ladesteijn betwijfelt of de aangekondigde Zelfstandigenwet straks wel voor iedereen een eenvoudige uitweg biedt. Het plan moet zelfstandigen en opdrachtgevers vooraf meer duidelijkheid geven over de aard van hun arbeidsrelatie, maar Van Ladesteijn vraagt zich af hoe groot de groep is die daar werkelijk iets aan heeft. ,,Hoe gerichter je de criteria maakt, hoe kleiner de groep die er iets aan heeft. Dan maak je bij wijze van spreken een uitzondering voor Messi, terwijl niet iedereen Messi is. De politiek moet niet doen alsof één nieuwe regeling alle mogelijke arbeidsrelaties kan vangen.’’
Alfrink deelt de kritiek op het huidige kader, maar is optimistischer over wat de Zelfstandigenwet kan opleveren. Hij hoopt dat de wet alsnog een ondernemersstatus oplevert die opdrachtgevers vooraf kunnen controleren, maar van het nieuwe kader verwacht hij weinig. ,,Ik snap dat hij (Aartsen, red.) een toekomstige wet nog niet in de huidige toets kan opnemen, omdat die eerst door het parlement moet. Maar laat dan ten minste zien waar je naartoe wilt. Ondernemers en zelfstandigen hebben duidelijkheid nodig voordat een opdracht begint. Met dit document krijgen ze vooral opnieuw te horen dat alles afhangt van alle omstandigheden.’’
Lees ook: Gerechtshof heeft maling aan Uber-arrest: werkers via Temper zijn géén zzp’er maar uitzendkracht